Hakketak, Francine sprak… burgemeester Henri Lenferink

In de rubriek Hakketak duikt Francine Verbiest in het leven van een bekende stadsgenoot. Dit keer had ze een openhartig gesprek met de Leidse burgemeester Lenferink.

Al weken vooraf stond mijn afspraak met Burgemeester Henri Lenferink van Leiden gepland. Zijn schema wordt door zijn secretaresses strak ingedeeld. “Hoe werkt dat als de man eens een dagje ziek is?”, dacht ik toen nog. “Zou zijn agenda dan volledig in het honderd lopen?” Het getal 100 heeft ook iets met mijn afspraak met Henri te maken, hij wilde namelijk best mijn 100e Hakketak voor Sleutelstad zijn!

Honderd mede-stadsgenoten heb ik al mogen portretteren, dat is wel apart. Maar Sleutelstad hoofdredacteur Chris de Waard en ik besloten er niets speciaals mee te doen, omdat wij vinden dat niet één Leidenaar anders, beter, mooier, of belangrijker dan één van de anderen is. Het dorpse karakter van Leiden, wat door veel van de mensen die ik mocht spreken zo enorm gekoesterd wordt, maakt ons hier simpelweg allemaal gelijk aan elkaar.

Mijn trouwe lezers kwamen toch met vragen en suggesties omtrent die honderdste. ‘Het is toch een mijlpaa’’ en ‘We verwachten toch wel iemand die er uitsteekt hoor’, begeleid met voorstellen over wie dat dan zouden kunnen zijn, bereikten me de laatste weken regelmatig. “Heb je Henri al gevraagd?”, vroeg Walter van Peijpe, de fractievoorzitter van GroenLinks Leiden die op een warme donderdagavond tijdens de pauze van de raadsvergadering even een luchtje schepte op het Stadhuisplein. “Nee”, antwoordde ik. “Wel aan gedacht, maar kom op zeg, die man heeft wel iets anders aan zijn hoofd lijkt me.” Het was nog net geen 24.00 uur die avond toen ik nog een berichtje van Walter kreeg: “Hi, ik heb de burgemeester voor je gevraagd en hij zei dat hij het prima vindt om Hakketak nummer 100 te zijn, heb je zijn mailadres?”

Persoonlijk!

Aldus wandel ik op de afgesproken dag achter een stadhuismedewerkster aan door de lange gangen van ons beeldschone stadhuis op de tweede verdieping naar de man die alweer sinds 2003 onze burgemeester is. Zij loopt sneller dan ik, omdat ik de kans neem om de sfeer en het fraaie interieur in me op te nemen. En ik loop mezelf af te vragen welke achtererven van huizen ik door de ramen van de lange gang zie. Ik mag op een halbankje wachten want ik ben nog wat vroeg. Ja, natuurlijk! Naar de burgemeester, dan zorg je toch dat je absoluut op tijd bent?

Net als ik zit te peinzen dat de daken die ik aan de achterkant zie misschien die van de Maarsmansteeg zijn hoor ik voetstappen naast me stoppen en een vriendelijke stem zegt: “Goedemiddag, ga je mee naar binnen?” Ik kijk een beetje geschrokken in het lachende gezicht van Henri Lenferink. Hij haalt me zélf uit de hal? Dat verwachtte ik niet!

Hij moet erom lachen en vertelt zich nog steeds af te vragen wat het ambt – burgemeester – met het onderbewustzijn van mensen doet, omdat hem ook vaak door kinderen gevraagd wordt waar zijn grote villa met zwembad staat en hoeveel bedienden hij heeft. Hij vindt het erg jammer dat mensen uit zichzelf zo’n afstand nemen en houden. Vooral als hij ze graag uit wil leggen dat dingen niet altijd op stel en sprong kunnen, maar hij ook rekening moet houden met dat wat wij bureaucratie noemen. En wat gewoon wettelijke verweer- en wachttijden in procedures zijn waar hij zich ook aan moet houden.

Moooooi…

Sommige ruimtes in ons stadhuis kende ik al, maar de kamer van de burgemeester niet. Het is opvallend dat de inrichting van het hele gebouw zo’n eenheid is. Ik zeg dit terwijl Henri me vraagt waar we zullen gaan zitten. Uitnodigend wijst hij een mooie tafel met stoelen en een zithoek met een bank aan de muur aan, ik mag het zeggen. Ik kies de bank. “Zo, dit zit wel héél erg lekker. Naast de prachtige materialen die voor deze Art Nouveau-meubelen gebruikt zijn, is de kwaliteit ook geweldig.” Henri zit letterlijk en figuurlijk op zijn praatstoel als het om de inrichting gaat. Hij geniet elke dag van zijn fraaie werkomgeving.

“De meubelen zijn van architect Blauw. Die twee fauteuiltjes en dat tafeltje zijn de enige in het stadhuis die geen Art Nouveau zijn, maar de Amsterdamse school.” Hij vertelt enthousiast. De man is merkbaar een enorme kenner van architectuur en liefhebber van deze stijl. Ik ook, en dat voelt hij kennelijk aan, want hij verhaalt over de hiërarchie in het interieur. De stijl is door het hele stadhuis dezelfde, maar binnen het totaal van ruimtes is een soort standsverschil gecreëerd. De kwaliteit meubelen van de hogere ambtenaren is nét even iets hoger dan die van de lagere en dat kun je goed zien aan de bureaus. Stoelruggen en details zoals laden enkele centimeters hoger, dieper en/of breder. Henri loopt naar zijn bureau en wijst het allemaal aan met armgebaren en een mimiek waar ik uit opmaak dat hij die verschilletjes enorm leuk maar voor hem totaal overbodig vindt. In het gesprek dat ik daarna met hem heb, trek ik keer op keer die conclusie. Henri is een gewone man met als beroep: burgemeester.

Verkiezingstijd van toen

Zijn derde ambtstermijn ging vorig jaar in. Ik vertel hem dat ik hem samen met mijn man tijdens zijn verkiezingscampagne ontmoette op de markt in de Merenwijk. Henri sprak daar mensen aan met de vraag wat zij van de nieuwe burgemeester zouden verwachten. Als ik dat zeg, staat hij abrupt op, wenkt mij zodat ik dat ook opsta en met hem meeloop. Hij opent twee fraaie houten deuren aan een van de wanden gelijktijdig. Het blijkt een diepe garderobekast te zijn waar achterin de wervingsposter van die campagne destijds bevestigd is. “Dat was toen”, zegt hij stralend, “broekie was ik toen nog hè?” Eerlijk gezegd zie ik weinig verschil. Dat komt door zijn ogen, er zit een combinatie van vriendelijk en guitig in, toen al en nu nog!

Nu we toch met toen en nu bezig zijn, vraag ik hem of hij zichzelf in de toekomst nog steeds als onze burgervader ziet en hoe hij het vindt om volgend jaar 60 te worden. Wéér die mimiek! Zijn ogen knallen werkelijk van ‘graag’ naar ‘who cares’ als hij zegt: “Ja, ik wil graag burgemeester blijven als dat kan en van veertig en vijftig worden merkte ik niet veel, mijn geboortedatum zijn slechts een paar cijfers in mijn paspoort toch?” Ik kan het niet laten en vraag toch even door of er wellicht kleine ongemakjes zijn? Toch wel ja, in plaats van dat vier uur slapen voldoende is, wordt hij nu steeds pas na zes uur wakker als er geen wekker gaat en die leesbrilletjes zijn nu ’s avonds echt nodig en ook nog eens bijna altijd zoek, of je gaat erop zitten ofzo. Je leest, niets menselijks is onze burgemeester vreemd.

Gemeente Leiden en Wikipedia

Henri Johan Jozef Lenferink is de volledige naam die hij bij zijn geboorte in ’57 in het Overijsselse Delden kreeg, hij haalde zijn doctoraal in geschiedenis, werkte onder andere als onderwijsmedewerker, historicus en hoofd wetenschap van de IJsselacademie. Bepaald geen vervelend, maar helemaal zelf verdiend CV. Vanaf 1986 kwam hij in de politiek terecht en in het referendum voor een nieuwe Leidse burgemeester werd hij door meer dan driekwart van de Leidse stemmers richting het Koninklijk Besluit, benoeming burgemeester geschoven. En dat dat geen slechte beslissing was, wisten we hier in Leiden al snel, en nu na meer dan 1 decennium wel héél zeker. Hoe zijn loopbaan was en is staat op diverse media royaal omschreven. Lees de site van de Gemeente Leiden, Wikipedia  en “Wie is Henri Lenferink” hier op Sleutelstad maar eens door wat dat betreft.

Narigheid

Henri is goed in narigheid. Het in goede banen leiden wel te verstaan. Als centrumbewoonster heb ik daar ervaring mee gehad. Hij voert geen ram-bam-beleid maar zet wel zijn mening neer. Als ik dit onderwerp bij hem aansnij vraagt hij eerst hoe het met míj gaat nu ik er zelf over begin. Dat typeert hem, die belangstelling, die vriendelijkheid die aanvoelt als een arm om je heen. Voordat ik uitleg waar dit over ging, geeft de burgemeester eerst zijn eigen mening over wetten en regeltjes. De termen Redelijkheid & Billijkheid draagt hij hoog in het vaandel. Wetten respecteert hij uiteraard volkomen.

Toch komt het regelmatig voor dat hij iets ruimer moet interpreteren, als het ware precies tegen de lijntjes aan moet kleuren, of een bestuurlijke maatregel moet afroepen. Niet alles staat immers tot in detail in onze wetten geregeld. Dat vereist zeer zorgvuldig denkwerk maar op enig moment moet er toch een beslissing genomen worden. En dan komt het weer voor dat niet iedereen even blij is met het besluit en round and round we go als het ware.

Maar als Henri ergens een doel en oplossing in ziet, dan steekt hij er liever meer moeite dan woorden in. Daarnaast wenst hij niet dat zijn ambtenaren zelfstandige besluiten nemen, dat moeten de bestuurders doen. Bestuurders mogen afwijken van regels, ambtenaren niet. Hij wil een keurig beleid en een transparant systeem en dat bereik je alleen maar door de juiste mensen het juiste werk te laten doen. “Streng maar rechtvaardig”, typen mijn vingers vanzelf op mijn noteblock op dat moment.

De reden dat hij naar mijn welzijn vroeg, lag in het feit dat ik met hem correspondeerde door een ongeval pal voor mijn deur in de gracht, in de winter van ’15. Oorzaak: dak- en thuislozen die soms te lang in de winterkou bleven hangen op de vele bankjes aan onze gracht die allang niet meer gebruikt werden door de toeristen en ouderen voor wie ze eigenlijk bedoeld waren. Henri begreep de situatie en reageerde met een ‘uitdunning’ van de bankjes door nog dezelfde week precies die te laten verwijderen die op kritieke punten stonden en waar regelmatig languit op geslapen werd.

Dat plan lag er al een tijdje in de sfeer van ‘bezuinigen op buitenmeubel onderhoud’, maar dat gebeurde bij ons aan de gracht dan dus direct. Mij benaderde hij bezorgd met de vraag hoe het met mij ging als vindster van deze menselijke tragedie? Dat heb ik toen als erg prettig en oprecht ervaren en nu hij er weer naar informeert, geeft het me gewoon een warm gevoel.

Leiden

Hij vindt twee kanten van Leiden heel erg leuk. Ten eerste is Leiden onvergelijkbaar, ontzettend mooi, de geschiedenis druipt van de gevels af, je kunt heerlijk door de steegjes dwalen, iedereen heeft of kent wel een eigen plekje, er hangt sfeer, er zijn beeldschone hofjes, die eeuwenoude burcht en ga zo maar door. Dat vindt hij allemaal zo fantastisch! En Leiden wordt me een stad! Ongelooflijk mooi, er wordt veel geïnvesteerd, een paar honderd miljoen zelfs! En dat alles omdat B&W vindt dat mensen het prettig moeten vinden om hier te wonen en werken en dat het fijn moet zijn voor bezoekers. Henri woont als burgemeester natuurlijk zelf ook in Leiden. Een tijdje aan de Vliet bij het Rapenburg en nu in de Pieter de la Courtstraat. Hij houdt inmiddels van Leiden, maar ook van zijn ligging. Als natuurminnend mens zit hij met regelmaat in het Groene Hart of op de plassen, alles is hier zo heerlijk dichtbij.

De andere kant van Leiden zijn de bewoners. Tjonge, jonge wat een karakters zitten ertussen! Glimlachend vertelt hij recent nog bij een discussie omtrent zorgen rond vluchtelingenhuisvesting geweest te zijn en hem pal na een scheldkanonnade door dezelfde mensen koffie en koek aangeboden werd. “Dat is Leids”, zegt hij glimlachend. “Een directe benadering en als het gezegd is, komt er rust achteraan en wordt er bij die kop koffie, die er altijd ook is, meegedacht over een oplossing.”

Oplossingen komen er altijd wel, want Leiden is een unieke stad gevuld met mensen die heel veel voor elkaar en anderen, over hebben. En juist daardoor zie je zo’n stad ook ontwaken als het ware. Sommige inwoners hebben best gelijk met dat enkele dingen veel te lang geduurd hebben. Maar daar wordt de komende jaren onder zijn beleid hard aan gewerkt. De historische binnenstad en de universiteit zullen zich steeds verder ontwikkelen.

De echte vader

Buiten burgervader is Henri ook écht tweemaal vader. Met een vertederende blik bevestigt hij dat ik juist gegoogled heb. Hij is inderdaad vader van, de inmiddels al 23 jarige, Anne die zijn leven voorgoed veranderde toen hij haar pal na haar geboorte in zijn armen hield. Hij wordt nóg emotioneel als hij daar, dankbaar dat het hem mocht overkomen vader te worden, aan terugdenkt. Anne is zo ongelooflijk zijn ‘allesje’ dat hij achteraf nog gruwelt dat ze gaatjes in haar oren liet schieten. “Als die daar hadden moeten zitten was je er toch wel mee geboren?”, was zijn magere verweer naar zijn moderne meisje dat niet erg onder de indruk was van haar vaders verdriet erom. Anne woont met haar partner in Gouda en zijn tweede kind, zoon Koen, nu schiet zijn gezicht op stoer, sinds kort met vrienden in Oegstgeest.

Alternatief, hakken en… ‘always’

‘Waarheen als Leiden van de kaart verdween?’, kopt hij direct in met: “Zou ik heel erg én jammer vinden, maar dan wordt weer retour richting Arnhem”. Dat vrouwen op hakken lopen vindt hij wel oogstrelend, maar eigenlijk ook raar dat vrouwen zich dit gedrag door mode laten voorschrijven. Het is toch veel gezonder om gewoon plat te staan? En wat versta ik onder een echt motto?

Hij heeft wel een bepaald liedje wat hij zichzelf vaak voorhoudt én neuriet. Ik schiet in de lach als ik de hoor welk: ‘Always Look on the Bright Side of Life’ van Monthy Python!

Oja…

Net zoals hij me uit de hal ophaalde, loopt hij ook weer mee terug. Wijst me aan hoe ik de beste en de kortste weg kan nemen en vraagt dan nog snel: “Kun je je nog iets herinneren van ons eerste gesprekje tijdens mijn campagne in de Merenwijk?” Jazeker! Henri vroeg toen wat de Leidenaren van een burgemeester verwachtten, hoe ze die rol het liefst vervuld zouden zien. Mijn man, Hans Verbiest, zei toen: “Begeef je onder de mensen, daar bereik je in Leiden het meest mee.” En laten we eerlijk zijn, dat heeft ‘ie wél gedaan! Henri is een benaderbare burgemeester, loopt recht op problemen en tumulten af, maar ook gewoon door onze winkels en over de markt. “Hij is lekker gewoon gebleven dus, ik vermoed dat de meeste Leidenaren hem de komende jaren die Leidse sleutels écht wel toevertrouwen.”

Als ik hem die conclusie zeg, kijkt hij me stralend aan en reageert: “Wat fijn om te horen!” Hop, weer bevestigd. Henri Lenferink is een gewone, leuke, vriendelijke man met als beroep: burgemeester. In de lift merk ik dat ik een oorwurmpje van hem heb gekregen, het bleef dagen hangen en popt steeds op als ik het stadhuis zie. Ik vind het niet erg, zelfs wel leuk!

Henri Lenferink op Linkedin: https://nl.linkedin.com/in/henri-lenferink-5171b612

Tip de redactie