Onderzoek naar eten in de Hongerwinter: Paardenbloemen en dahliabollen

Tijdens de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog, en vooral in de winter van 1944-1945, verzamelden mensen bloembollen, veevoer en wilde planten om in leven te blijven.

Welke planten dat precies waren is nooit vanuit een botanisch perspectief onderzocht. Biologiestudent Tom Vorstenbosch van de Universiteit Leiden heeft dat nu onderzocht onder begeleiding van etnobotanicus Tinde van Andel. Op 10 mei presenteert hij de voorlopige resultaten van zijn onderzoek in LiveScience in Naturalis.

Beukennootjes en veevoer

In tijden van extreme schaarste zijn mensen aangewezen op hun kennis van planten en hun vindingrijkheid om voldoende voedsel te zoeken. Waren het alleen tulpenbollen of ook krokussen en hyacinten? Veevoer? Beukennootjes? Paardenbloembladeren? En hoe wisten mensen hoe ze die planten moesten klaarmaken?

Het antwoord op deze vragen is niet terug te vinden in de archieven, maar is nog wel bewaard gebleven in de herinnering van mensen die deze gerechten hebben klaargemaakt of gegeten. Naturalis en de Universiteit Leiden onderzochten daarom plantaardig noodvoedsel tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Enquête

Student Tom Vorstenbosch (MSc Biologie, Universiteit Leiden) heeft bijna 80 interviews afgenomen bij ouderen om er achter te komen wat men 72 jaar geleden at. Ook via een online en offline enquête konden mensen ervaringen en herinneringen delen.

Tijdens de interviews kwamen allerlei verhalen boven, zoals een visboer die zelf gevangen stekelbaarsjes verkocht en de perfecte manier om een kat te vangen in een lege ton. "Mijn moeder wist precies waar in Deventer de paarden graasden. Op die paardenmest moesten wij dan weidechampignons zoeken", aldus een 77-jarige dame uit Enschede. "En bramen, eindeloos veel bramen plukten we."

Geschiedenis vastgelegd

"Hoewel er meer dan zeventig jaar voorbij is gegaan hebben veel ouderen nog levendige herinneringen aan het zoeken van paddenstoelen, beukennootjes, brandnetels en het stelen van veevoer. Dus de kennis is nog niet verdwenen. Door dit onderzoek is de kennis vastgelegd voor het nageslacht", zegt Van Andel.

Tip de redactie