Architectuurweek Leiden gestart

Van 18 tot en met 24 april vindt in Leiden de Architectuurweek plaats. 

De aftrap, na de officiële openingswoorden door wethouder Laudy, werd maandagavond gedaan in Trianon door Adriaan Geuze, landschapsarchitect/hoogleraar (en Zomergastengast met een mening over Leiderdorp).

Voor een gehoor van zo’n tweehonderd aanwezigen ging hij op zoek naar de relatie van de Nederlander met het Nederlands landschap, “de leegte” zoals hij zelf zei.

Een boeiend verhaal, soms wat wankel op de benen, maar “schurend, zoals ook literatuur moet schuren, vragen stellen, je achterlatend met vragen” zoals Peter van Swieten, voorzitter van organisator RAP, het achteraf verwoordde.

Daan Roosegaarde

De Architectuurweek belooft veel. Iedere avond wel een lezing of workshop. Na Geuze zal de tweede publiekstrekker Daan Roosegaarde het programma afsluiten met een lezing in de Stadsgehoorzaal. Voor de wethouder bleek de workshop met kinderen over de stad van hún toekomst minstens zo belangrijk. 

RAP kreeg op voorhand al applaus voor de programmering. Hooggespannen verwachtingen?

De teloorgang van het landschap

Geuze hield een gloedvol betoog over (de teloorgang van) het Nederlands landschap. Beginnend bij de grote watersnoden – de Sint Lucia-vloed en de Sint Elizabethsvloed – ziet hij Nederland en de Nederlanders land op water veroveren; sterker,  “de Friezen namen wraak op de zee.”

Waarom zich mensen vestigden in dat natte land mocht dan wel de vraag zijn die Geuze al jaren bezighoudt, het antwoord heeft hij (nog?) niet. In zijn opinie zijn Nederlanders, bewust of onbewust, bezig met die leegte en de inrichting ervan.

Dat Nederlanders een groot deel van hun land zelf hebben vorm gegeven, bleek wel uit de 213 dia’s die in anderhalf uur voorbij raasden. En ook dat landschap inderdaad veel meer is dan de horizon of de bebouwing. De veenwerkers maar ook de polderwerkers werden van heinde en verre aangevoerd. Dat leerden we op school.

Fascinerend is de wederzijdse beïnvloeding tussen kunst en landschap. Mondriaans geometrische figuren zouden blauwdruk zijn geweest voor de Noordoostpolder (terwijl Mondriaan op zijn beurt weer geïnspireerd zou zijn door de lijnvoering in poldersloten en -vaarten).

Natuurorganisaties

Het is een fascinerende vraag die Geuze stelt. Welk landschap raken we kwijt? Gaandeweg realiseer je je dat Geuze naar het door mensenhanden gemaakte landschap kijkt. Dat wordt scherper als hij, na afloop, “de natuurorganisaties de grootste bedreigers voor het landschap” noemt. Die streven immers naar een situatie die vaak terug grijpt naar momenten voordat de mens ingreep. 

Pikant detail in zijn betoog is dan dat Geuze veel verwacht van “mensen die twintig jaar van hun leven” opofferen om landschappen te beschermen. De voorbeelden zijn echter ‘natuurlijke landschappen’. De geconstrueerde provincie Zuid Holland, bijvoorbeeld, kent zo’n bevlogen beschermer niet.

Verdwenen draagvlak

Of Geuze de “romanticus” is, zoals een vraagsteller hem omschreef, is de vraag. Zijn betoog kwam niet neer op een klakkeloos bewaren, of terugbrengen naar, van wat was. Eerder signaleerde hij een veel algemenere trend waarin “politici niet leveren, maar zeggen: we hebben afspraken gemaakt”. Voor hem is de WRO dan ook een monstrum, omdat die de weg vrijmaakte voor niet-betrokkenen om in een gebied bepalend bezig te zijn.

Treffend stelde hij dat voor die wet plannen werden doorgerekend, doorgesproken, duidelijk en expliciete doelen hadden. Plannen als de Deltaplannen worden vandaag de dag voor bijvoorbeeld de energievoorziening niet gemaakt. Dat beleid ontstaat “op basis van convenanten en deelafspraken”.

Het Groene Hart is inmiddels verworden tot een Gebroken Hart.

Vraag u eens af

“Ruimtelijke ordening is iets van ons allemaal”, betoogt Geuze, die van zichzelf zegt dat hij “in de ruimtelijke ordening niet veel heeft gedáán. Wel in zo’n tachtig initiatieven meegedacht en -gepraat”.

Dat lijkt een open deur. Maar wie de vraag ernaast zet die hij óók stelt “in wiens opdracht gebeurt dit eigenlijk? ” heeft meteen wel een nieuwe uitdaging: hoe willen we dat onze omgeving er uitziet? En waarom?

Tip de redactie