6-0 achter. Nou en?

Hoezo darts geen sport? Het was genieten in de finale van Lakeside: een 6-0 achterstand ombuigen tot 6-6. De laatste keer dat dit gebeurde in het Nederlandse voetbal was in 1941! Wederom met hulp van De Goeie Ouwe Tijd.nl gaan we naar die bizarre pot. Wederom? Ja, want die site kwam ook al met de retro-commercials en de comeback van Cruijff. In dit artikel wordt ook een geheim onthuld!

De wedstrijd Heerenveen – Ajax uit 1950 is één van de grootste klassiekers uit onze voetbalgeschiedenis. Ondanks een 5-1 voorsprong van de Amsterdammers een half uur voor het einde verloren ze met 6-5. Maar Ajax presteerde negen jaar eerder – 16 maart 1941 - een vergelijkbaar grapje, maar dan andersom. Met 6-0 stapten de Ajax-spelers de rust in tegen het Haagse VUC om er toch nog een puntje uit te slepen. Het werd 6-6…

Aan Haagse kant speelde de legendarische Bertus de Harder, die voor rust al twee keer had gescoord. Zijn ploeggenoten troffen verder vier keer doel en Ajax geen één keer. Maar toen kwam de ommekeer.

Ik sprak hierover in 1997 met één van de Amsterdamse hoofdrolspelers: Joop Stoffelen – twee jaar geleden overleden. Hij was blij dat ik hierover begon, “want niemand gelooft mij meer als ik het vertel.”

Hoe keken de Ajacieden elkaar aan toen ze het veld weer betraden?

Stoffelen: “Toen we het veld opgingen hadden we zo iets van 'We zien wel'. Het werd 6-1 en we keken elkaar eens aan. Meteen werd het 6-2 en nog steeds hadden we niet de gedachte dat er iets in zat. Pas bij onze vierde treffer geloofden we erin. Het was 6-5 toen ik een penalty moest nemen. Aanvoerder Jan Schubert liep naar mij toe en zei: “Als je die bal er niet inschiet, breek ik je poten.” Ik scoorde en het had zelfs nog 6-7 kunnen worden, maar dat ging net niet door.”

Nog even voor de statistieken: Rinus Bijl maakte het eerste Ajax-goal, waarna Erwin van Wijngaarden het geloof weer een beetje deed oplaaien. Jaap Hordijk scoorde 6-3 en Van Wijngaarden maakte daarop zijn tweede van de dag. Theo Brokmann jr. verkleinde de achterstand tot één, waarna Stoffelen dus de 6-6 inschoot. Ajax eindigde dat seizoen als tweede en VUC als vijfde.

Het geheim van deze wedstrijd

In 2002 ontving ik een mail van Ton Holzenbosch, die mij het geheim vertelde van deze bizarre wending. Het is voor het eerst, dat ik dit publiceer.

‘Ik heb nog wat extra informatie voor je. Wat je misschien niet weet is dat de doelman van VUC die de zes Ajax-goals om zijn oren kreeg (Henk Slootweg) pas na rust (bij een 6-0 voorsprong voor VUC dus) in het veld verscheen, omdat de eerste keeper geblesseerd was geraakt. Of eigenlijk al was voor de wedstrijd begon, maar toch wilde spelen.

Tijdens de eerste helft verergerde de blessure, niet zodanig dat verder spelen onmogelijk was, maar ach, wat kon er nog gebeuren? Dus stond hij zijn plaats af. Tijdens het douchen en omkleden hoorde deze doelman tot 3 maal toe gejuich en dacht: allemachtig, 9-0! Toen hij echter uit de kleedkamer kwam was het geen 9-0 maar 6-3. De afloop is bekend.

Ik heb deze informatie uit de eerste hand, namelijk van die eerste keeper zelf, mijn vader Joop Holzenbosch Wat hij ook nog vertelde was dat Ajax dat jaar getraind werd door de Oostenrijker Halpern die het jaar daarvoor onder contract stond bij…. VUC! Deze man, die (volgens mijn vader) bij VUC was weggestuurd omdat hij een keer geweigerd had een koffer met reservekleding mee te dragen, was in de rust wit weggetrokken, maar kon na afloop zijn geluk natuurlijk niet op.’

Tip de redactie