Onderzoek naar sport in DDR

De Duitse voormalige zwemster Petra Schneider kan bezoek verwachten. Niet omdat ze eerlijk dopinggebruik erkent, maar omdat het complete sportsysteem in de DDR wordt onderzocht door historica Jutta Braun. Hopelijk kijkt ze ook naar het enorme machtsspel bij internationale sportorganisaties, waarmee de Sowjet-Unie de DDR op de wereldkaart heeft gezet. Ook Nederland is daar met open ogen ingetrapt.

De verhalen over structureel dopinggebruik in de voormalige DDR zijn inmiddels bekend. In de aangrijpende film ‘De Zilveren Pijl’ over baanrenner Detlef Macha zit een opname van Oost-Duitse archiefkasten, waarin alles van hem en zijn collega’s was opgeslagen, tot het ongeoorloofde toe. De kamer waarin dat allemaal lag, was voor heel weinig mensen toegankelijk.

We weten dus dat het gebeurde en nu is de vraag voor Braun hoe dat plaatsvond. In het voetbal, zwemmen, waarschijnlijk overal. En dat alles leidde onder meer tot enorme concurrentievervalsing, zoals ook de Nederlandse zwemster Enith Brigitha heeft ondervonden in de jaren zeventig van de vorige eeuw.

Met dit Duitse onderzoek is het voor de tweede keer in korte tijd dat onze oosterburen zich storten op een heikel punt uit de nationale sportgeschiedenis. Eerst een historisch onderzoek naar het voetbal onder Hitler en nu misstanden in de voormalige DDR. Maar er is meer dan alleen doping en staatsamateurisme waar Braun naar zou moeten kijken.

Hoge politiek

De DDR was een Oost-Europees land, dat in eerste instantie niet werd erkend door de internationale gemeenschap. Martin van den Heuvel is gespecialiseerd in de geschiedenis van Oost-Europa en zei in een interview in 1980 dat de Sowjet-Unie alles op alles zette om het nieuwe land te laten toetreden tot internationale sportorganisaties. Want aansluiting bij de internationale sportgemeenschap zou op de lange termijn vanzelf zorgen voor politieke erkenning, en dat bleek het geval te zijn. Van den Heuvel: “Het IOC was één van de eerste grote internationale organisaties die de DDR als volwaardig lid accepteerde. Dat is een zuiver politiek doel geweest.”

Want laten we eens kijken naar de FIFA, de Wereldvoetbalbond. In 1952 werd de DDR hiervan lid, toen nog geen enkel West-Europees land het nieuwe land erkende. In 1958 was Wales het eerste West-Europese land dat tegen de DDR een wedstrijd voetbalde, die door de Duitsers met 2-1 werd gewonnen.

Nederland kwam in 1961 voor de eerste keer in actie tegen de Oost-Duitsers. De officiële politieke erkenning echter kwam pas in 1973, dus twaalf jaar later.

Laat deze gedachte eens bezinken: Nederlandse voetballers speelden ruim tien jaar tegen een land dat volgens hun eigen regering geen bestaansrecht had. En dát is nu juist wat dat Duitse onderzoek nog interessanter kan maken.

Tip de redactie