Van Praag: 'Zwevende kiezer maakt politici onzeker'

Laatste update:  27 mei 2010 17:45 info

Philip van Praag, politicoloog aan de Universiteit van Amsterdam, doet samen met TNS NIPO onderzoek naar het kiezersgedrag in Nederland. "Het is helemaal niet zo ongezond dat kiezers minder honkvast zijn."

Foto:  ANP

De kiezer lijkt op drift. De peilingen schommelen heen en weer en partijen kunnen binnen een paar maanden 20 zetels winnen of verliezen.

Hoeveel procent van de kiezers is zwevend?

"Dat hangt ervan af hoe je zwevend definieert."

Geeft u maar een definitie.

"Als het gaat om hoeveel procent in 2010 anders gaat stemmen dan in 2006, kom je al gauw rond de vijftig procent uit. Als je het nog ruimer definieert, bijvoorbeeld als kiezers die heel lang twijfelen en uiteindelijk toch weer bij dezelfde partij uitkomen, kom je misschien wel op 60 of 70 procent."

Wat vindt u hiervan?

"Die afname in honkvastheid van kiezers is helemaal niet zo ongezond. Het gaat erom dat kiezers tijdens een verkiezing een oordeel vellen over hoe de partijen het gedaan hebben en hoeveel vertrouwen ze hebben in wat ze de komende periode gaan doen. Dan is het een gezonde ontwikkeling dat het niet vanzelfsprekend is dat ze een partij altijd trouw blijven.

Waarom?

"Ten eerste houdt het die partijen scherp en ten tweede getuigt het ook van een kritische blik van de kiezer naar de politieke partijen. Het kan wel vervelend zijn voor politieke partijen en ook misschien wel voor het hele politiek landschap als er enorme verschuivingen optreden, maar die ontwikkeling is niet onwenselijk."

Hoe lang vertoont de kiezer dit gedrag al?

"Dat is vrij nieuw, dat had je twintig, dertig jaar geleden niet. Het brengt een hoop onrust, misschien nog wel het meest bij de politici zelf, die zich zeer onzeker gaan voelen door die bewegingen onder hun achterban. Ze vragen zich doorlopend af 'wat doe ik fout, wat doe ik goed, wat moet ik beter doen om die kiezers vast te houden of terug te winnen'."

Hoe komt het dat de kiezer op drift is geraakt?

"Het heeft alles te maken met het eind van de verzuiling. Kiezers waren heel lang heel trouw aan hun partijen. Heel veel kiezers hadden toch een beetje het motto 'of een partij het nou goed doet of slecht, ik hoor bij die partij en ik blijf die partij trouw'. Dat proces zie je vanaf de jaren '60 geleidelijk minder worden."

Wanneer kwam het voor het eerst tot uiting?

"In 1967 is heel Nederland geschokt als D66 in één keer zeven zetels haalt, terwijl we nu denken 'zeven zetels, wat is dat nou'. Voor het eerst zie je dan echt een enorme verschuiving in 1994 - toch ver vóór Pim Fortuyn.

Toen waren er enorme verliezen voor PvdA en CDA en een hele sterke winst voor D66 en de oudere partijen, die dan ineens in het parlement komen. Daar zie je voor het eerst dat het verdwijnen van die banden tussen grote groepen kiezers en de partij tot enorme electorale verschuivingen kan leiden."

Wat veroorzaakte de electorale verschuiving in 1994?

"Het kabinet Lubbers-Kok dat vanaf 1989 aan de macht was, nam een paar besluiten die op enorme weerstand stuitte bij de achterban van de verschillende partijen, met name de regeringspartijen.

De PvdA, onder leiding van Kok, was verantwoordelijk voor de aanpassingen aan de WAO. Dat leidde binnen de partij maar ook daarbuiten, onder de eigen achterban, tot heel veel protest en tot het weglopen van grote groepen kiezers."

En het CDA?

"Het CDA liet een half jaar voor de verkiezingen weten dat het AOW niet onaantastbaar was, waardoor grote groepen van de toch al vergrijsde achterban van het CDA zich van de partij afkeerden. "

Hebben de partijen daar toen iets van geleerd?

"Op sommige punten wel, maar in het algemeen volstrekt onvoldoende. Partijen hebben na '94 nog een tijdlang gedacht dat het eenmalig was. Je ziet wel dat het paarse kabinet zich vanaf 1998 heel bewust aan het worden is van het hele vraagstuk van immigratie en integratie."

Hoe?

"Nou, de Wet-Cohen, waar Cohen nu ook zelf naar verwijst, is tussen 1998 en 2002 voorbereidt, opgesteld en aangenomen. Men was zich ervan bewust dat grote delen van de bevolking ontevreden was over de immigratiestromingen. Tegelijkertijd zag je ook de angst om het onderwerp te politiseren, want die wet is met minimale media-aandacht aangenomen."

Was dat niet dom?

"Ja, vrij snel na 2002 is geconstateerd dat het een strategisch wel te begrijpen, maar verkeerde inschatting is geweest.

Als je zo'n belangrijke wet invoert, die duidelijk een verharding van het beleid inhoud waar grote groepen kiezers al een tijdlang om vragen, moet je dat niet stilzwijgend doen. Paars had zich daarvoor op de borst moeten rammen: 'kijk eens wat wij aan het doen zijn'. En dat durfde in ieder geval de PvdA, maar waarschijnlijk het hele paarse kabinet niet."

Reageer op dit artikel:
Stuur door:
Deel artikel:

Meer Interview nieuws

Eerder

Peil.nl