'Elke anderhalve kilometer ingreep nodig bij zelfrijdende Uber-auto's'

Chauffeurs die achter het stuur van de zelfrijdende auto’s van Uber zitten die in Amerika rondrijden, moesten ongeveer elke anderhalve kilometer ingrijpen.

Dat schrijft Recode op basis van interne documenten van de taxidienst. Het bedrijf heeft in de staten Arizona, Pennsylvania en Californië 43 zelfrijdende auto’s rondrijden die alleen vorige week al 20.354 mijl (zo’n 32.750 kilometer) gereden.

Bij al die ritten zit een chauffeur achter het stuur die om wat voor reden dan ook kan ingrijpen. Zo grepen de chauffeurs in om redenen als onduidelijke bewegwijzering, te ruime bochten of omdat het weer onstuimig was.

In de week die eindigde op 8 maart deden chauffeurs dat gemiddeld om de 1,3 kilometer. Aan het eind van januari lag dat nog op rond de eens per 1,4 kilometer en in de eerste week van februari op eens per 1,5 kilometer.

Noodzakelijk

Als het om noodzakelijke ingrepen om schade of letsel te voorkomen gaat, moesten de chauffeurs van Uber in de week die eindigde op 7 maart ongeveer eens per 322 gereden kilometers ingrijpen. Dat getal fluctueert nog wel behoorlijk: een week daarvoor lag dat nog op eens per 188 kilometer en in de laatste week van januari nog op eens per 200 kilometer.

Ter vergelijking: bij de auto’s van Google-zusterbedrijf Waymo hoeven chauffeurs slechts eens per 8.000 gereden kilometers in te grijpen, zo bleek in januari. Uber heeft niet op de uitgelekte cijfers gereageerd.

Lees meer over:
Tip de redactie