'Europese regelgeving drukt kosten mobiele telefonie niet'

AMSTERDAM - De onlangs ingevoerde EU-regelgeving om de tarieven van internationaal mobiel bellen per provider gelijk te stellen, werkt niet. Uit onderzoek van A&B Groep blijkt dat er nog altijd grote verschillen zitten tussen de aangeboden tarieven.

De EU verplichtte alle aanbieders een maximumtarief van 49 eurocent per minuut in te stellen. De Brusselse politici hebben volgens het onderzoek echter geen rekening gehouden met de werkwijze van de providers, die de gespreksduur afronden naar halve en hele minuten. Hierdoor vallen de werkelijke tarieven vele malen hoger uit.

Specificatie

De onderlinge tarieven tussen de providers zullen volgens het onderzoek blijven verschillen. De enige manier voor een gebruiker om achter de daadwerkelijke kosten van zijn mobiele gebruik te komen, is door het opvragen van een specificatie. De meeste providers brengen dit echter in rekening.

"De EU schiet haar doel voorbij; het eurotarief lijkt transparant, maar in de praktijk blijven de werkelijke kosten onduidelijk voor de gebruiker", aldus Randy Riteco van onderzoeksbureau A&B Groep.

Discutabel

"Daarnaast was het al discutabel dat een aanbieder geld vraagt voor de onderbouwing van zijn factuur; een klant dient immers te kunnen controleren dat zijn factuur correct is. Maar deze praktijk lijkt nu ook nog eens in tegenspraak met de nieuwe regelgeving."

Doordat de meeste providers het verlaagde tarief vervroegd hadden ingevoerd, liet de Europese Commissie vorige week woensdag weten dat de nieuwe wetgeving in haar ogen geslaagd was. "Dit is het begin van meer competitie, hopen wij", jubelde een woordvoerder.

Tip de redactie