Jongeren steeds vaker financieel afhankelijk van ouders

Minder jongeren kunnen rondkomen van hun eigen inkomen.  In 2014 was nog maar een kwart van de 20- tot 25-jarigen financieel zelfstandig. Aan het begin van deze eeuw was 45 procent nog financieel onafhankelijk. 

Dat blijkt vrijdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) die Trouw heeft opgevraagd.

Voor personen tussen de 25 jaar en 30 jaar is er ook sprake van een daling in de financiële zelfstandigheid. In 2001 was nog ruim 75 procent van deze groep in staat om zelf zijn broek op de houden, terwijl dit percentage in 2014 is gedaald tot 65 procent.

Als belangrijke oorzaken voor deze ontwikkeling wordt het stijgende aantal flexibele arbeidscontracten genoemd, maar ook bijvoorbeeld de komst van meer deeltijdbanen en de hoge jeugdwerkloosheid dragen bij aan deze ontwikkeling. 

"Afgestudeerden werken soms veertig uur per week voor 250 euro per maand. En dat zo een jaar lang. Terwijl er vroeger startersfuncties waren voor het minimumloon of iets erboven", stelt Kristina van der Molen van FNV Jong in Trouw.

Wiemer Salverda, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Universiteit van Amsterdam, vindt het ook een zorgwekkende ontwikkeling. "Dit is ernstig voor jongeren. Elk jaar zonder inkomen is een verlies, wat kan doorwerken op het latere inkomen."

Pubers

Uit onderzoek (pdf) van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) blijkt vrijdag ook dat minder scholieren iets te vertellen hebben over hun eigen geldzaken. 

Dit jaar betaalt 61 procent van de ouders alle kosten voor de mobiele telefoon. Drie jaar eerder ging het nog om 54 procent. Gemiddeld genomen zijn scholieren daar per maand 15 euro aan kwijt.

Het aandeel ouders dat alle kleding en schoenen afrekent, is in dezelfde periode toegenomen van 48 procent naar 56 procent. Elke maand gaat daar gemiddeld 41 euro aan op.

Het percentage ouders dat cadeaus voor de rekening neemt, steeg van 17 procent naar 29 procent. Daar wordt maandelijks zo'n 9 euro aan uitgegeven.

Verantwoordelijk

Het instituut roept ouders op kinderen meer financiële verantwoordelijkheid te geven. "Ouders lijken vaker de geldzaken van hun kinderen over te nemen, in plaats van dat ze hun kinderen leren hoe ze zelf hun financiën moeten regelen", stelt het instituut vrijdag. 

"Zo zouden ouders die zakgeld en kleedgeld geven ook hun kinderen kunnen vertellen wat ze van dat geld moeten doen en welk gedrag ze vrij te besteden hebben", zegt directeur Gerjoke Wilmink van het Nibud. "Zo krijgen hun kinderen de kans om te leren omgaan met financiële verplichtingen."

Bedrag

Het Nibud stelt dat scholieren gemiddeld een bedrag van 112 euro per maand te besteden hebben. Dit bedrag bestaat onder meer uit zakgeld en loon van een bijbaan. Drie jaar eerder verdienden de scholieren nog iets meer met hun bijbaan en hadden ze in totaal gemiddeld 118 euro per maand te besteden.

Het verschil in leeftijd is groot. Een 12-jarige scholier heeft elke maand 22 euro. Een 18-jarige zo'n 206 euro. Scholieren geven hun geld met name uit aan snoep, snacks, cadeaus en uitgaan. Games en make-up zijn ook populaire uitgaven.

Educatie

Verder blijkt een op de vijf scholieren in het voortgezet onderwijs het thuis financieel moeilijk te hebben. Deze groep komt relatief vaker geld tekort en krijgt minder uitleg van ouders over het omgaan met geld. Het Nibud vindt structurele financiële educatie op scholen daarom noodzakelijk.

"We kunnen er niet van uitgaan dat alle ouders daar thuis tijd en aandacht voor hebben", meent Wilmink. Het instituut vindt het "onbegrijpelijk" dat 41 procent van de scholieren op school nooit iets leert over geldzaken.

Lees meer over:

Makelaars

Makelaars
Achtergrond: De macht van de makelaar op een oververhitte woningmarkt.

Portemonnee

Portemonnee
Wat verandert er in 2017 voor je persoonlijke financiën?

Loonstrook

Loonstrook
Dit moet je weten over je loonstrook in 2017.
Tip de redactie