Beslag Air Exel op Antilliaans dochterbedrijf opgeheven

WILLEMSTAD - Het Hof van Justitie op Curaçao heeft woensdag het beslag opgeheven dat luchtvaartmaatschappij Air Exel had laten leggen op het geld van Dutch Antilles Express (DAE), het op Bonaire gevestigde bedrijf dat de luchtverbindingen tussen de Antilliaanse eilanden verzorgd. De rechter gaf geen oordeel of het beslag van Air Exel rechtmatig is, maar besloot het op te heffen omdat de economische schade voor de Antilliaanse economie te groot is.

Air Exel mag wel beslag leggen op DAE, maar alleen als het bedrijf in staat is om deze miljoenenschade te vergoeden indien het beslag onrechtmatig blijkt te zijn, zei de rechter. "En dat die schade er zal zijn, daar ben ik van overtuigd", aldus de magistraat. Door het beslag zouden de bewoners van de Antilliaanse eilanden vanaf donderdag elkaar bijna alleen nog maar kunnen bezoeken per boot.

Bankgarantie

Het bedrijf moet een bankgarantie kunnen overleggen wil het beslag in stand gehouden kunnen worden. De hoogte van het bedrag stelde de rechter nog niet vast, maar in een gerelateerde zaak, namelijk het beslag van Air Exel op Dutch Eagle Express, bepaalde het Hof eerder deze week dat de garantie zeven miljoen gulden is.

Air Exel, het bedrijf van zakenman Erik de Vlieger, vordert een bedrag van ongeveer 11 miljoen euro van Dutch Antilles Express en van Dutch Eagle Express (DEE), dat tot 1 januari een Bonaireaanse dochteronderneming van Air Exel was. De advocaten van Exel betoogden tijdens een kort geding dat Air Exel geld had voorgeschoten aan DEE gedurende 2003 en 2004 en dat geld nu terug wil zien omdat op 31 december 2004 de samenwerking is stopgezet.

Dutch Antilles Express

Dutch Antilles Express is de opvolger van DEE en wil met ingang van 1 april de routes van zijn voorganger overnemen. Het bedrijf heeft hetzelfde personeel, dezelfde directeur en dezelfde investeerders en is daarom ook verantwoordelijk voor de schulden van DEE, zo betoogden de advocaten van Air Exel.

De advocaat van DEE en DAE, Rob Blaauw, betoogde dat het echter om een geheel nieuw bedrijf gaat, met name omdat het om nieuwe aandeelhouders gaat. De Bonaireaanse overheid was aandeelhouder in DEE en de aandeelhouders van DAE zijn Niek Sandman, die de zakenpartner van De Vlieger was, de Bonaireaanse investeringsmaatschappij BPM en de KLM.

Bodemprocedure

Deze drie partijen investeerden wel in DEE maar ze waren geen aandeelhouder in DEE, aldus Blaauw. Voor Air Exel geldt hetzelfde. Het heeft geen geld voorgeschoten, maar heeft geïnvesteerd in DEE. De rechter zei woensdag dat een kort geding onvoldoende was om inhoudelijk te beoordelen of het beslag van Air Exel al dan niet rechtmatig is.

Er is volgens hem een bodemprocedure nodig om de zaak tot op de grond uit te zoeken, omdat zowel de advocaten van DAE en DEE als van Air Exel met goede argumenten kwamen en er te weinig zwart op wit staat.

De rechter zei dat het onmogelijk was tot een evenwichtig oordeel te komen, vooral omdat de relatie tussen Air Exel en DEE met name gebaseerd was op mondelinge afspraken, terwijl er weinig op schrift gesteld was. Tijdens een bodemprocedure zouden De Vlieger, Sandman en ook directeur Harm Prins onder ede moeten verklaren welke afspraken er precies waren. Of die bodemprocedure er ook komt is nog onduidelijk omdat Air Exel nog niet heeft besloten of het met een garantstelling komt.

Tip de redactie