'Mensen moeten af kunnen van één moment voor vaststellen pensioen'

Mensen die hun pensioen opbouwen met een zogenoemde premie- of kapitaalovereenkomst zouden een hoger pensioen moeten kunnen regelen. 

Mensen uit die groep kunnen levenslang de dupe zijn van de lage rente, aldus de Tweede Kamer.

Een meerderheid schaarde zich woensdag achter een gecombineerd voorstel van VVD-afgevaardigde Helma Lodders en de regering.

Het is de bedoeling dat de mensen de mogelijkheid krijgen af te zien van één moment waarop de levenslange uitkering wordt vastgelegd. Die regeling pakt zeer ongunstig uit door de lage rente.

Het moet mogelijk worden door te gaan met het beleggen van het ingelegde kapitaal, in de hoop op een hogere uitkering. Mensen kunnen dit individueel regelen of via een collectief om risico's te delen.

Levenslang

Ongeveer een miljoen mensen hebben een premie- of kapitaalovereenkomst. Een rentedaling van 1 procent betekent levenslang een 12 procent lager pensioen.

Volgens de coalitiepartner van de VVD, de PvdA, zitten er nog wel wat haken en ogen aan het ''gecompliceerde'' voorstel. PvdA-Kamerlid Roos Vermeij zei te vrezen voor een waaier aan keuzemogelijkheden.

Zij pleitte voor eerlijke, heldere en tijdige informatie aan de mensen met een dergelijk pensioen zodat die een verantwoordelijke keuze kunnen maken.

Premieovereenkomst

Bij een premieovereenkomst weet de deelnemer welke premie de werkgever aan de pensioenuitvoerder betaalt. Met de opbrengst van beleggingen of spaargeld koopt de deelnemer op de pensioendatum een pensioenuitkering aan bij een verzekeraar van eigen keuze.

Bij een kapitaalovereenkomst staat de hoogte van het kapitaal van tevoren vast. Het bedrag wordt soms met een winstuitkering verhoogd. Op de pensioendatum wordt met een kapitaal een pensioenuitlering aangekocht.

Lees meer over:

finanzen.nl

finanzen.nl
finanzen.nl brengt nieuws, columns en achtergrondartikelen over de beurs.

Brexit

Brexit
Dreiging van economische leegloop bij Brexit.

Startups

Startups
Startups buitelen over elkaar heen. Waar komt de schijnbaar onbedwingbare honger naar innovatie vandaan?