Wellink vindt WW te hoog

AMSTERDAM - De werkloosheidsuitkeringen zijn te hoog en worden te lang verstrekt. Ook is de ontslagbescherming van werknemers in vaste dienst in Nederland te hoog. Dat zorgt er mede voor dat de werkloosheid oploopt, zei president Wellink van De Nederlandsche Bank (DNB) vrijdag op een bijeenkomst van de Nederlandse Vereniging voor het Onderzoek van Arbeidsverhoudingen.

In Nederland krijgt een werknemer in het eerste jaar een uitkering van 70 procent van het laatst verdiende loon, tegen 50 procent in andere landen. Een royale WW vermindert het aanpassingsvermogen van de economie. Hoe langer de uitkering duurt, hoe groter de kans bovendien is dat de werkloze zijn vaardigheden kwijt raakt. En daardoor blijft de werkloosheid weer langer op een hoog niveau, beweert Wellink.

Volgens hem zal de druk toenemen om soepeler regels te maken voor de arbeidsmarkt. Daar zorgen ook buitenlandse investeerders voor. Die verplaatsen desnoods de productie naar elders wanneer de lonen en de arbeidsmarkt daar gunstiger zijn. "Deze bedrijven zijn mobiel. Werknemers zijn dat nog niet. Daardoor zal de positie van de onderneming in loononderhandelingen sterker worden ten koste van die van de werknemers'', meent hij.

Decentralisatie

Tenslotte pleit Wellink voor decentralisatie bij de CAO's. Hij wil een CAO per onderneming in plaats van collectieve arbeidsovereenkomsten voor de hele bedrijfstak. "Alleen als alle ondernemingen met dezelfde tegenwind worden geconfronteerd, zullen ze een identieke stand van de zeilen kiezen'', voorspelt de roerganger van De Nederlandsche Bank.

Hoewel minister De Geus van Sociale Zaken de bijdrage van Wellink een "interessante bijdrage'' vindt in de discussie over de toekomst van de verzorgingsstaat, vindt hij dat de WW ,,geen melkkoe'' voor bezuinigingen mag worden. Dat liet zijn woordvoerder in een reactie weten. Wel spreekt het De Geus aan dat Wellink de arbeidsmarkt flexibeler wil maken.

Tip de redactie