'Kans op nieuwe Elfstedentocht neemt elk jaar verder af'

De laatste Elfstedentocht vond plaats op 4 januari 1997, twintig jaar geleden. Door de opwarming van de aarde lijkt een strenge winter steeds minder reëel. Hoe groot is de kans dat de Tocht der Tochten ooit nog plaatsvindt?

De beelden van de finish van de vijftiende Elfstedentocht zijn nog even zenuwslopend als twintig jaar geleden. Om 12.19 uur won toenmalige spruitjesboer Henk Angenent (toen 29 jaar oud) de sprint van een kopgroep op de Bonkevaart in Leeuwarden, na een tocht van ruim 200 kilometer over het natuurijs.

De kans dat in 1997 een van de laatste edities van de Tocht der Tochten werd gereden, lijkt met de opwarming van de aarde steeds groter te worden. "De tocht zal steeds zeldzamer worden", onderschrijft meteoroloog Harry Geurts van het KNMI. "Ik wil niet degene zijn die alle hoop de grond in boort. En de kans blijft altijd aanwezig. Het weer in Nederland is over het algemeen grillig, dus het valt nooit helemaal uit te sluiten dat zich in de toekomst weer eens een strenge winter voordoet."

Maar de opwarming van de aarde de afgelopen decennia maakt de kans niet gróter. "Het is net als met witte kerst: op basis van de mogelijke weerscenario’s neemt de kans elk jaar een klein beetje af." Het zal steeds minder vaak gebeuren dat zich een langere periode kan voordoen dat er genoeg ijs op de vaarten ligt. "In de jaren negentig was de kans op een Elfstedentochtwinter 15 procent; nu is die kans nog 5 procent."

Geen wetenschapper

Reinier Paping (85), die de roemruchte zware tocht in 1963 op zijn naam schreef, deelt de angst van weerman Geurts over de reële kans dat er ooit nog een Elfstedentocht plaatsvindt. "IJs wordt vermoedelijk iets dat onze kleinkinderen niet meer in het wild kunnen ervaren", vreest hij. "Je hoeft geen wetenschapper te zijn om de zorgwekkende berichten over de opwarming van de aarde te begrijpen."

Natuurlijk is het geweldig dat er kunstijsbanen zijn als alternatief, erkent de kampioen. "Maar dat heeft met de Elfstedentocht natuurlijk niet veel te maken. Echte marathonrijders moesten de afgelopen jaren naar bijvoorbeeld Zweden en Noorwegen als ze wilden trainen of wedstrijdrijden."

Volledig draaiboek

Collega-winnaar Henk Angenent (49) is positiever gestemd. “Je ziet dat koud weer zich door de jaren heen in curven voordoet”, legt hij uit. "In 2012 zaten we er héél dicht bij. Mijn gevoel zegt dat die situatie zich weer voordoet in 2024." Natuurlijk verandert het klimaat. "Maar extreem weer zal altijd blijven bestaan. Ik reken erop dat ik de tocht tegen mijn zestigste nog een keer voor de lol kan gaan schaatsen."

Ook de Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden, die de tocht sinds 1909 organiseert, blijft ervan uitgaan dat de tocht ieder jaar plaats kan vinden. "Als we dat geloof niet hadden, zouden we onszelf wel opheffen", lacht woordvoerder Immie Jonkman. De organisatie zorgt dat er elk jaar tegen november een volledig draaiboek klaarligt, zodat de tocht plaats kan vinden zodra het weer dat toelaat.

Frustrerend

De afgelopen twintig jaar werd dat draaiboek aan het eind van de winter weer in de jiskefet gegooid. "Ja, dat is soms frustrerend. Maar we weten waarvoor we het doen: het enthousiasme over de Elfstedentocht neemt alleen maar toe naarmate het langer geleden is dat 'ie plaatsvond. Er bestaat nog steeds koud weer - en vroeg of laat komt dat weer weer naar Friesland toe."

De vereniging kent inmiddels ruim 33.000 leden. Deze mensen mogen allemaal mee rijden als zich nu een mogelijkheid aandient. Nieuwe leden die zich aanmelden, komen op de wachtlijst te staan; gemiddeld zijn dat er zo’n 1.500 per jaar.

Heroïsch en onberekenbaar

Een van hen is langebaanschaatser Erben Wennemars (41), die zich de afgelopen jaren ontpopte tot het nationale boegbeeld van de hoop op een nieuwe Elfstedentocht. Twintig jaar geleden miste Wennemars de tocht omdat hij voor Jong Oranje in Canada zat. "Ik geloof niet in statistieken die aantonen dat de kans kleiner wordt", beklemtoont hij. "Je hebt maar één koudestroom nodig die een paar weken aanhoudt, zo simpel is het. En vroeg of laat komt die stroom."

Wennemars stelt dat Tocht der Tochten staat voor "alles wat we in Nederland zijn: één met de natuur, heroïsch en onberekenbaar. Er is niets in de wereld dat zich laat vergelijken met de Elfstedentocht." Zodra het in de winter iets kouder wordt, raakt de schaatser weer verslaafd aan alle weersites. "De komende weken is de reële kans klein dat het nog gebeurt. Maar het kan nog steeds dit jaar: de geschiedenis heeft bewezen dat februari vaker voor verrassingen kan zorgen."

Verhalen van opa

Ook Joan Leemhuis, de Friese Commissaris van de Koning, houdt de moed er in. "Het uitspreken van concrete verwachtingen over een nieuwe tocht zijn niet realistisch", stelt ze. "Maar elke dag komt hij weer één dag dichterbij. En als het zover is, dan zijn we er helemaal klaar voor." Juist het feit dat de Elfstedentocht niet jaarlijks plaatsvindt, draagt bij aan het unieke karakter van het evenement.

Het aanhoudende enthousiasme over het fenomeen bevestigt woordvoerder Imme Jonkman van de vereniging De Friesche Elf Steden. "Er groeit nu een generatie op die nog nooit daadwerkelijk een tocht heeft meegemaakt", legt ze uit. "Terwijl hun vaders of opa’s wel fantastische verhalen vertellen. Dat willen de twintigers en dertigers van nu óók meemaken. Zodra er weer een klein kansje bestaat dat het gaat vriezen, staat onze telefoon direct roodgloeiend."

Herkend in supermarkt

De voormalige winnaars bevestigen die iconische status die de Tocht der Tochten nog steeds heeft. Paping en Angenent worden tientallen jaren na hun finish op de Bonkevaart nog steeds aangesproken als helden.

"Ik word nog elke week gevraagd om een ijsbaan te openen of een wedstrijd bij te wonen", grinnikt Paping. "En dan vraagt iedereen weer of ik mijn herinneringen aan die ijskoude 18 januari 1963 wil delen. Ik doe het graag; het blijft een mijlpaal in mijn leven. Je wilt niet geloven hoeveel mensen mij na ruim een halve eeuw nog in de supermarkt herkennen."

Ook Angenent, de winnaar van 1997, wordt nog dagelijks gevraagd om selfies of handtekeningen. "Ik blijf er van genieten - ik zou gek zijn als ik dat niet deed. Het is waanzinnig dat iets dat ik twintig jaar geleden heb gepresteerd nog steeds zoveel aandacht krijgt."

Lees meer over:
Tip de redactie