Profiel: Shimon Peres van groot belang voor Israëlische politiek

De Ioopbaan van de Israëlische oud-premier en -president Shimon Peres (93) is bijna zo oud als de staat Israël. Tot 2014 was Peres het oudste staatshoofd ter wereld. Na zijn aftreden verslechterde zijn gezondheid. De voormalig politicus werd in september in kritieke toestand opgenomen in het ziekenhuis na een beroerte, waaraan hij na twee weken overleed.

Peres begon zijn politieke carrière in 1959 en was betrokken bij alle grote ontwikkelingen die Israël sinds haar oprichting in 1948 doormaakte. In de jaren veertig sloot hij zich aan bij de zionistische Maipai-partij, een vroege voorloper voor de huidige Arbeidspartij, en was hij actief voorstander van de bezetting van de Westelijke Jordaanoever. Later zou hij zich als regeringsleider en bewindsman inzetten voor vredesonderhandelingen in het Midden-Oosten.

Shimon Peres werd in 1923 geboren in het destijds Poolse Wiszniew, in huidig Wit-Rusland. In 1934 verhuisde het joodse gezin naar Tel Aviv in Palestina. De hele achtergebleven familie kwam om tijdens de Duitse inval van het stadje in 1941.

Peres volgde een agrarische opleiding en werkte tot zijn twintigste in de kibboets, waar hij in contact kwam met bewegingen die streefden naar de oprichting van de staat Israël. Na een loopbaan in het leger studeerde Peres economie, Engels en filosofie in de Verenigde Staten.

In 1945 trouwde hij met Sonya Gelman. Het echtpaar kreeg drie kinderen.

Suezcrisis

Op 29-jarige leeftijd werd Peres directeur-generaal van het ministerie van Defensie, waar hij een grote rol speelde in de versterking van het Israëlische leger. Onderhandelingen met de Fransen resulteerden in grote wapenleveranties, die Israël in 1956 in staat stelde de Egyptische Sinaïwoestijn binnen te vallen, wat leidde tot de Suezcrisis.

Drie jaar later werd Peres namens de voorloper van de centrumlinkse Arbeidspartij gekozen in de Knesset, het Israëlische parlement. Na verschillende ministerposten volgde hij Yitzhak Rabin in 1977 op als premier. Zijn partij verloor meermaals de verkiezingen van de centrumrechtse partij Likoed van huidig premier Benjamin Netanyahu. De twee partijen stonden tegenover elkaar over de Palestijnse kwestie en Likoed weigerde lange tijd met de Palestijnen te onderhandelen.

Oslo-akkoord

Als minister van Buitenlandse Zaken in de linkse regering van Rabin nam Peres in 1992 deel aan onderhandelingen met de Palestijnse bevrijdingsorganisatie van Yasser Arafat. Hij leidde tot het eerste Oslo-akkoord, waarin het zelfbeschikkingsrecht van de Palestijnse bevolking expliciet werd vastgelegd.

Het leverde het drietal in 1994 de Nobelprijs voor de vrede op. Na de moord op Rabin een jaar later werd Peres opnieuw premier.

Tijdens zijn verdere leven bleef Peres voorstander van een dialoog met de Palestijnen, hoewel hij zich ook openlijk uitsprak voor de harde aanpak van Likoed-premier Ariël Sharon van aanvallen uit de Palestijnse gebieden op Israël.

In 2004 vormde Peres een coalitie met Sharon waarna het Gaza-akkoord kon worden aangenomen. Het leidde tot de terugtrekking van het Israëlische leger uit Gaza. Na zestig jaar lidmaatschap van de Arbeidspartij sloot Peres zich ten slotte aan bij Kadima die in 2005 door Sharon was opgericht.

In 2007 werd Peres verkozen tot president, een vooral ceremoniële functie. Na zijn aftreden in 2014 ontving hij diverse internationale onderscheidingen voor zijn inzet voor het vredesproces in het Midden-Oosten.

Lees meer over:
Tip de redactie