Erdogan: Van gevierd democraat naar gevreesd autocraat

Een paar jaar geleden werd het Turkije van Recep Tayyip Erdogan gezien als een voorbeeldnatie voor landen in het Midden-Oosten. Nu maken steeds meer westerse landen zich zorgen over zijn autocratische bewind.

Massaal gingen de Turken half juli de straat op om zich te verzetten tegen de staatsgreep van het Turkse leger. Tanks werden tegengehouden en militairen werden hardhandig uit televisiestudio’s getrapt. 

Dat er na de coup vele tienduizenden politiefunctionarissen, rechters en journalisten worden opgepakt en er gesproken wordt over de herinvoering van de doodstraf lijkt een groot deel van zijn aanhang niet te deren. De populariteit van Erdogan en het vertrouwen in het Turkse staatshoofd is ongekend.

Waar komt de populariteit van Erdogan vandaan?

Scheiding kerk en staat

De AK-partij van Erdogan maakt sinds 2002 de dienst uit in de Turkse landelijke politiek en vindt haar aanhang bij de conservatief-islamitische Turken. In de jaren voordat Erdogan aan de macht kwam, was de invloed van het seculiere Turkse leger nog nadrukkelijk aanwezig. Eerder intervenieerde de krijgsmacht al vier keer in de Turkse politiek, omdat de islam een te nadrukkelijke plek in Turkije zou krijgen.

Het leger ziet zich van oudsher als hoeder van de Kemalistische ideologie (vernoemd naar de stichter van het moderne Turkije Mustafa Kemal Atatürk) die een strikte scheiding tussen kerk en staat voorstaat.

Haatzaaiend

Diezelfde Kemalisten ontnamen Erdogan in 1997 het burgemeesterschap van de miljoenenstad Istanbul, nadat hij een islamitisch gedicht voordroeg dat haatzaaiend zou zijn en tegen de principes van de seculiere Turkse staat zouden ingaan. Hij belandde hiervoor vier maanden in de cel.

Maar als burgemeester had hij zich waargemaakt als een politicus van het volk. Hij was een jongen van simpele afkomst die als tiener limonade verkocht in de straten van Istanbul. Als burgemeester zorgde hij ervoor dat het waterprobleem in de stad werd opgelost en dat de stad groener en schoner werd. Turken zagen hem als een politicus die niet corrupt was en als iemand die zijn islamitische waarden in het politieke domein deed gelden.

In 2001 werd hij medeoprichter van de AK-partij en verlegde hij zijn blik naar de landelijke politiek. Bij de parlementsverkiezingen een jaar later sleepte de AKP 363 van de 550 zetels binnen. De nieuwe premier Abdullah Gül voerde een grondwetswijziging door, waarna Erdogan zijn post kon overnemen.

Economische groei en stabiliteit

Als premier heeft Erdogan ervoor gezorgd dat de Turkse economie een forse groei heeft doorgemaakt. Het aantal Turken dat onder de armoedegrens leeft is drastisch afgenomen en de omvang van de middenklasse is verdubbeld naar 40 procent. De toegang tot de gezondheidszorg is verbeterd en hij heeft voor rust en stabiliteit gezorgd in Turkije, tot de oorlog in Syrië uitbrak.

Daarnaast slaat zijn islamitische identiteit aan bij de conservatieve achterban, die zich jarenlang geknecht heeft gevoeld door het secularisme. Erdogan heeft de Turken, de erfgenamen van het grote Ottomaanse Rijk en het laatste islamitische kalifaat, een gevoel van trots teruggegeven. Het land is weer een belangrijke speler in de internationale politiek en laat zich ook graag gelden op dat toneel.

Wantrouwen

Critici volgen de heerschappij van Erdogan echter met argusogen. Erdogan zou het secularisme en de democratie helemaal geen warm hart toedragen. “Democratie is als een trein”, zei hij in het begin van zijn politieke carrière, “je stapt af als je je bestemming hebt bereikt.”

Zij zien hun wantrouwen niet alleen bevestigd na de recente arrestatiegolf als gevolg van de mislukte coup, maar zijn ook kritisch op eerdere gedragingen en beslissingen van Erdogan.

Zo is het “zuiveren” van politie, justitie en media van vermeende Gülenisten al in 2013 begonnen. In dat jaar legden politie en justitie een omvangrijk corruptieschandaal bloot waar vertrouwelingen in de kring rond Erdogan werden aangeklaagd voor omkoping en corruptie; drie ministers stapten op.

Volgens Erdogan zaten de aanhangers van de islamitische geestelijke Fethullah Gülen achter het onderzoek. Duizenden politiefunctionarissen werden ontslagen of overgeplaatst. De autonomie van de Turkse justitie werd ingeperkt door aanklagers te verbieden om zonder toestemming een strafrechtelijk onderzoek te starten.

Vrijheid van meningsuiting

Erdogan staat erom bekend geen tegenspraak te dulden en deinst er niet voor terug om kritische kranten te sluiten en journalisten te vervolgen. Turkije doet het met een 151e plek bedroevend slecht op de World Press Freedom Index (Nederland staat op de 2e plek).

Ook buitenlandse journalisten in Turkije worden niet ontzien. Erdogan is er niet vies van om critici in het buitenland voor de rechter te dagen, zoals dat bij de Duitse satiricus Jan Böhmermann en de Nederlandse columniste Ebru Umar het geval was. De samensteller van de persvrijheidlijst, Reporters Without Borders, waarschuwt voor het groeiende autoritarisme van de president.

Niet alleen journalisten moeten vrezen voor Erdogan, ook Turkse parlementariërs zijn niet meer vrij. Vorige maand ontnam Erdogan Turkse parlementsleden hun immuniteit, wat het mogelijk maakt om de oppositie, en dan met name de Koerdische HDP, strafrechtelijk te vervolgen.

Gezipark

Ook Turkse burgers worden met enige regelmaat vervolgd als zij kritiek uiten op de president. Protesten worden hardhandig de kop in gedrukt. Het bekendste protest tegen het groeiende autoritaire regime van Erdogan was de opstand in 2013. Aanleiding waren de bouwplannen van Erdogan, die een replica van oude Ottomaanse militaire barakken wilde bouwen op de plek waar nu het Gezipark in Istanbul ligt, een van de laatste groene plaatsen van de stad.

Het verzet tegen Erdogans autoritaire bewind begon met de bezetting met een paar tentjes van het Gezipark, maar liep al snel uit tot een protest waar 3,5 miljoen Turken aan meededen. De protesten hielden weken aan, totdat Erdogan de opdracht gaf het plein hardhandig schoon te vegen. Er vielen acht doden en 8.000 gewonden en er werden 4.900 Turken gearresteerd. Voor de demonstranten had Erdogan geen enkele compassie. Een 15-jarig jongetje dat geraakt werd door een traangaskogel en overleed noemde hij “een terrorist”. En die militaire barakken, die komen er alsnog, zei hij vorige maand.

Meer macht

Zijn autoritaire stijl leek hem de vorige verkiezingen nog de kop te kosten. Omdat Erdogan niet nog een keer premier mocht worden, werd hij president. Maar dat is in Turkije een ceremoniële functie, dus is een grondwetswijziging noodzakelijk om de Turkse president meer macht zal toekennen. In juni 2015 haalde zijn AK-partij voor het eerst geen meerderheid die nodig is voor zo’n wetswijziging.

Omdat er geen coalitie gevormd kon worden, werden er nieuwe verkiezingen uitgeschreven. Onder druk van een toenemende aantal terroristische aanslagen en onrust, kozen de Turken in november vorig jaar voor zekerheid en won de AKP opnieuw een meerderheid. Dat Erdogan een president met formeel nog meer bevoegdheden wordt, is een kwestie van tijd.

Loyaal

De kritiek op Erdogans optreden in het verleden, maar ook vlak na de couppoging, lijkt vooralsnog langs zijn aanhang heen te glijden.

De vraag is hoe Turkije zich na de coup met een wraakzuchtige Erdogan zal ontwikkelen en dan met name op economisch terrein. De instabiliteit die de heksenjacht op vermeende Gülenisten met zich meebrengt, de hernieuwde strijd tegen de Koerden en de voortdurende oorlog tegen IS maken van Turkije een minder aantrekkelijk vakantieland, maar kan er ook voor zorgen dat de buitenlandse investeerders zich terugtrekken.

Als de economische voorspoed verdwijnt, dan is nog maar de vraag hoe loyaal de aanhang van Erdogan dan nog blijft.

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend

Lees meer over:
Tip de redactie