Museumrecensie: De Wereld Draait Door - Allard Pierson Museum

De Wereld Draait Door bestaat tien jaar. Als verjaardagscadeautje aan zichzelf en de kijkers richtte de talkshow in Amsterdam een pop-upmuseum in met vaste tafelgasten als conservator. Dat pakt minder voorspelbaar uit dan je verwacht.

Het is makkelijk om het DWDD Pop-Up Museum bij voorbaat af te kraken. Tien Bekende Nederlanders die 'verborgen schatten' uit museumdepots plukken, kan het afgezaagder?

En dan ook nog op initiatief van het populaire tv-programma De Wereld Draait Door, waarin vuistdikke romans worden gereduceerd tot oneliners en popliedjes ingedikt tot ringtoneformaat. Dat moet wel een populistische show worden.

Afbranden dus, en snel terug naar de ivoren toren van de goede smaak.

Stel dat oordeel, of die veroordeling, toch even uit. Want goede kunst - en dat is wat op de expositie in het Allard Pierson Museum  wordt getoond - laat zich niet kapotmaken door een format, hoe modieus ook. Bovendien is het best een aardige tentoonstelling.

Een goed ingericht parcours leidt je langs tien verhaaltjes, waarin het tv-aura van de 'gastconservatoren' dienend wordt ingezet en soms verrassingen opduiken.

Meestervervalser

Natuurlijk valt er wat aan te merken op de tentoonstelling. De keuze van de musea bijvoorbeeld. De logica van de samenstellers is begrijpelijk: bekend tv-hoofd + groot museum = geheid succes.

Maar zou het niet interessanter zijn om te grasduinen in de depots van het Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden, het Noordbrabants Museum of het Politiemuseum in Apeldoorn? Dat zou de diversiteit van de Collectie Nederland pas goed zichtbaar maken en mooie reclame zijn voor onderbelichte musea.

Ook de kwaliteit van de presentaties is onevenwichtig. Het meest geslaagd zijn die waarin de DWDD-tafelgast dichtbij zichzelf is gebleven zonder in egotripperij te vervallen.

Actrice Halina Reijn, die zichzelf omschrijft als meestervervalser, koos drie schilderijen die ooit door Boijmans-directeur Dirk Hannema zijn aangekocht als Van Goghs. Zij laat je goed kijken en nadenken: wat maakt De molen Le Blute-fin (1886) nu echt en die andere twee niet? En wat maakt dat uit voor de beleving?

Modejournalist Cécile Narinx haalt creaties van het totaal vergeten Nederlandse ontwerperscollectief GILL (1988-1992) van stal, wat in combinatie met vergeelde krantenknipsels en een catwalk-registratie een mooi tijdsbeeld oplevert. Hetzelfde geldt voor Jan Mulders ode aan Frans Haks (1938-2006), roemrucht directeur van het Groninger Museum: graffitikunst, pop art en een heerlijk kinetische sculptuur van Wim T. Schippers.

Veel vlakker zijn de keuzes van Joost Zwagerman en Marc-Marie Huijbregts uit respectievelijk het Haags Gemeentemuseum en het Van Abbemuseum: portretten en stillevens, figuratie uit musea die bekendstaan om veel revolutionairder werk.

Al gaat het hier nog om de kunst. Kom daar niet om bij Nico Dijkshoorn. Zijn geinig bedoelde bijschriften - bij Frank Lissers Café: "Zo zit Jack van Gelder te eten als Ajax heeft verloren" - devalueren de werken tot anekdotes.

Celebrity marketing

Toen onlangs bekend werd dat Hollywood-ster Keanu Reeves op 8 februari in Fondation Beyeler gaat voorlezen uit Paul Gauguins autobiografische werk Noa Noa, was op Facebook het hoongelach niet van de lucht.

De directie van het eerbiedwaardige museum in Bazel zal er haar schouders over ophalen. De toegangskaarten waren in no time verkocht, hoogstwaarschijnlijk aan publiek dat beter bekend is met The Matrix dan met de Tahitiaanse naakten van de Franse meester.

Ook het Allard Pierson Museum zal met deze DWDD-selectie nieuw publiek trekken. Publiek dat overigens in geconcentreerde stilte de tekstjes leest, ieder voorwerp aandachtig bekijkt en, wie weet, een van de deelnemende musea gaat bezoeken. Als dit de uitwerking is van museale celebrity marketing, dan valt daar weinig op af te dingen.

De Wereld Draait Door Pop-Up Museum is te zien tot en met 25 mei in Allard Pierson Museum.

Tip de redactie