Tweede dag Motel Mozaïque piekt pas laat
ROTTERDAM - Het jaarlijks terugkerende muziek- en kunstenfestival Motel Mozaïque is weer van start gegaan in Rotterdam. NU.nl is er bij en geeft per dag een overzichtelijk verslag van de hits en missers op deze tweedaagse muzikale ontdekkingsreis.
Wildbirds and Peacedrums is rauw en echt, maar op een beschaafde manier. Het wordt nergens genant of overdreven. De nummers van het duo zijn grotendeels opgebouwd rond de vocalen van de charmante Mariam Wallentin en worden aangekleed met een nogal divers instrumentarium. Steeldrum, mondharmonica, koebel, tamboerijn en een soort staande slidegitaar vullen mooi aan. Deze mix van Fiery Furnaces met een vleugje PJ Harvey blijft dik drie kwartier boeien.
Volgens sommigen is BLK JKS nu al de hype van 2009. Deze Zuid-Afrikanen worden vergeleken met The Mars Volta en TV On The Radio, maar dat lijkt vanavond in de grote zaal van Watt toch echt een paar trapjes te enthousiast ingeschaald.
Voor een echte hype heeft de muziek van BLK JKS namelijk veel te veel onorthodoxe maatsoorten en –wisselingen en is het totaalplaatje daarmee veel te progrock om een groot publiek aan te spreken. De matig gevulde zaal vertoont ook bepaald nog geen hype-taferelen, de aanwezige bezoekers reageren uitermate lauw op de wereldmuziek meets indierock van de vier heren.
“Zweten jullie al?”, vraagt zanger-gitarist Stijn Ylode De Gezelle van het Belgische Madensuyu tot twee keer toe. De mannen zelf in ieder geval wel. Het is moeilijk om een etiketje op de muziek van Stijn en Pieter-Jan Vervondel te plakken, maar typisch Belgisch klinkt het in ieder geval niet.
De band weet met de combinatie van alleen gitaar, zittend bespeeld, en drums een vol bandgeluid te produceren en blaast de boel op. Ook al zijn ze de eerste band in Rotown die avond, het duo heeft zeker geen moeite om de zaal flink los te krijgen, de hoofdjes gaan stellig op en neer.
Selah Sue heeft een werkelijk prachtige stem, maar onder begeleiding van slechts een akoestische gitaar klinkt het na een paar nummers al snel allemaal hetzelfde en eerlijk gezegd erg saai. Met een volledige band zou deze jonge Belgische veel gevarieerder uit de hoek kunnen komen.
Van het New Yorkse HEALTH kun je veel dingen zeggen, maar saai is op deze noiserock-band in ieder geval niet van toepassing. Vanaf de eerste noot rolt een explosie van energie en oorverdovende punk de kelder van Watt in. Het viertal creëert een spanningsboog die nog geen halve seconde inzakt.
Net als je denkt dat de orgie van geluid zijn hoogtepunt heeft bereikt drukt een van de bandleden weer een ander pedaaltje in waarmee een nieuwe vervormde laag over de kakafonie van geluid wordt gelegd. Na krap 40 minuten houdt het viertal het aanvankelijk voor gezien, om er met frisse tegenzin nog een ultrakorte toegift uit te persen. Gezond is het niet, zeker niet voor je oren, maar wel erg overweldigend.
Het wil in de grote zaal van Watt vanavond niet echt lukken, want ook A Certain Ratio voldoet niet aan de verwachtingen. Wat op het podium staat sluit niet bepaald aan bij de assosiatie met het legendarische Factory-label, waarop dit viertal een van de eerste getekende bands was. A Certain Ratio mag dan ooit relevant zijn geweest, vernieuwend is deze radiovriendelijke crossover tussen soulfunk en postpunk nu in ieder geval niet meer.
Muzikaal zit het allemaal prima in elkaar, maar vlammen doet het nergens. De band heeft zijn strepen decennia geleden al ruimschoots verdiend, maar wie nog nooit eerder van de band had gehoord vraagt zich nu ongetwijfeld af waarom bands als LCD Soundsystem en !!! A Certain Ratio zo de hemel in prijzen.
Een stuk interessanter is Mi Ami, dat in de kelder van Watt een bak lawaai over het publiek uitstort. De band bestaat uit ex-leden van de helaas veel te snel ter ziele gegane punkband Black Eyes en het geheel ligt muzikaal gezien aardig in het verlengde daarvan. Toegegeven: zodra zanger-gitarist Daniel Martin-McCormick zijn mond open doet klinkt het alsof een krielkip de nek wordt omgedraaid, daar moet je wel tegen kunnen. Maar wie daar doorheen weet te luisteren ontdekt frisse, energieke en spannende postpunk.
Een optreden van twee mannen achter mengpanelen en laptops is visueel altijd lastig interessant te maken. Jon Hopkins lost dit probleem op door geweldige psychedelische beeldprojecties, maar op muzikaal vlak piekt zijn optreden jammer genoeg nergens. Grappig detail is wel dat de opbouw van de set precies andersom is als op het nieuwe album Insides: dat begint met vijf hardere nummers en werkt toe naar rustiger werk. Vanavond in Lantaren/Venster is het precies andersom, al wordt de verwachte climax dus nooit bereikt.
De verwachtte massale belangstelling voor A Camp in de schouwburg blijft uit. Het zijproject van zangeres Nina Persson, bekend van het Zweedse The Cardigans, trekt niet zoveel koppen als voorspeld en de zaal is bij lange na niet vol. Toch weet de band, begonnen als een soloproject van Persson, een overtuigend optreden neer te zetten, waarin A Camp een stuk beter tot zijn recht komt dan op plaat. Direct vanaf het begin wanen we ons door Perssons elfjesachtige voorkomen en stemgeluid in de Droomvlucht van De Efteling.
Van Marching Band krijgen we de zomer in ons bol. Lieflijke gitaar-indiepop uit Zweden, zoals het zou moeten zijn. Erik Sunbring, de naam zegt het eigenlijk al, en Jacob Lind's stemmen gaan mooi samen en de band die zij om zich heen hebben gevormd brengt de muziek live tot een mooi geheel. Niet heel bijzonder, de muziek van deze twee vrienden, maar je zou zo op groene bloeiende velden tussen de lammetjes willen huppelen.
Of de muziek van Loney Dear je ligt is natuurlijk een kwestie van smaak, maar dat de Zweed weet hoe hij een zaal volledig in moet pakken is na deze mooie ingetogen show een voldongen feit. Emil Svanängen weet een goede balans te creëeren tussen rustige en uptempo nummers, waarbij zijn meer ingetogen liedjes goed stand houden. De zaal is muisstil als Svanängen zonder microfoon een liedje zingt, waarbij hij overigens nauwelijks over de ruis van de zaalinstallatie heen komt.
Ook organiseert de singer-songwriter een bijna vertederend staaltje publieksparticipatie, waarbij bezoekers met een ah-ah-ah-koortje een aanvulling geven op de lieflijke vocalen van de twee achtergrondzangeressen. De lichtshow met opgefokt heen en weer vliegend stroboscooplicht is dan wel weer lichtelijk overdreven.
Wie zou die TBA (to be announced) op dat programma toch zijn? Het zijn de jonge Friese honden van Daily Bread, pas een jaar bezig. De Friezen mogen afsluiten in Rotown en dat doen ze prima. Met hun mix van garage, rock ‘n’ roll en electro breekt het trio, met de drummer in het midden vooraan, de tent af ook al is die maar voor een kwart gevuld.
Het kan bijna niet anders of een beetje festivalganger heeft 2 Many DJs al zeker een paar keer live gezien. De broertjes Dewaele zijn het schoolvoorbeeld van de uitdrukking oefening baart kunst, want iedere keer lijken ze weer een stukje beter te worden. Eindelijk is het feest in de grote zaal in Watt, en zo mogelijk nog uitbundiger dan de avond ervoor bij The Whitest Boy Alive. Binnen 10 minuten staat het podium vol met uitzinnig publiek, waar het na een tijdje door bezorgde securitymedewerkers toch maar weer af geveegd wordt.
En zo kwam Motel Mozaïque tegen het einde van de tweede avond na wat tegenvallende grote namen toch nog tot een groots en meeslepend einde. Kijk hier voor meer foto's van Motel Mozaïque.

Startpagina