Eerste dag Motel Mozaïque brengt voor elk wat wils
ROTTERDAM - Het jaarlijks terugkerende muziek- en kunstenfestival Motel Mozaïque is weer van start gegaan in Rotterdam. NU.nl is er bij en geeft per dag een overzichtelijk verslag van de hits en missers op deze tweedaagse muzikale ontdekkingsreis.
Aan The Boney King of Nowhere de eer het muziekgedeelte van Motel Mozaïque 2009 te openen. Niet bepaald een knaller, maar wel ingetogen luisterpop van een klasse zoals we die van onze zuiderburen inmiddels gewend zijn. Frontman Bram Vanparys is even mager als hij innemend is, en weet zijn grotendeels akoestische liedjes goed te vertalen naar het podium.
Stukken minder subtiel is A Place to Bury Strangers. Deze My Bloody Valentine-adepten bedekken de massaal toegestroomde bezoekers met een deken van fuzz en distortion. In combinatie met de monotone zang en bijbehorende hypnotiserende videoprojecties een ideaal uurtje schoenen staren. In de grote zaal van Watt komt het muzikaal gezien stukken beter over dan de laatste keer dat de band in ons land speelde, in een veel te kleine bovenzaal in Paradiso. Niet voor epileptici, want de laatste 20 minuten van een Strangers-show bestaat standaard uit een orgie van stroboscooplicht. Het drietal gaat er daarnaast prat op de hardste band van New York te zijn, maar dat valt vanavond gelukkig mee. Dit keer geen bloedende oren.
Het Zweeds/Amerikaanse Dag för Dag mocht het spits in Rotown afbijten. Broer en zus Snavely moeten nog wel even op gang komen. Ook het publiek lijkt daar last van te hebben, maar loopt toch langzaam warm voor de twee die voor liveoptredens een sessiedrummer meenemen. Je zou niet zeggen dat Sarah en Jacob nog niet zo lang bezig zijn, de energie spat van de gitaren af. Ondanks dat Sarah geen perfecte zangstem heeft waardoor vooral de uithalen al snel een beetje zeurderig klinken en loepzuiver is het ook niet, komt de band daar door middel van hun gitaar- en baswerk perfect mee weg. Je zou kunnen zeggen dat dat juist dat het eigen geluid van Dag för Dag kenmerkt.
Grampall Jookabox maakt een soort nieuwerwetse fusie van wereldmuziek, met een vleugje hiphop, roots en blues, afgewerkt met beats. Hij loopt en sampelt dat het een lieve lust is, maar je vraagt je als kijker wel constant af wat hij nou zelf live zit te maken, en wat er al vooraf op tape staat. Meesterbrein David Adamson heeft er zelf in ieder geval veel zin in, en huppelt als een kind zo blij over het podium. Na een paar nummers is de fut er echter wat uit, net als bij de inmiddels verlepte tulp die hij aan zijn oor heeft hangen. Leuk trucje, maar niet afwisselend genoeg om een uur lang aan te horen.
In Rotown is het inmiddels tijd voor een zijprojectje, Handsome Furs van Wolf Parade gitarist en zanger Dan Boeckner. Met liefje, want als je zoals Boeckner vaak onderweg bent is het natuurlijk retehandig als je met je vrouw een band begint, zodat die gewoon mee kan op reis. Boeckner's rol in de band is duidelijk en wijkt niet veel af van die van Wolf Parade, een band die sowieso weinig fout kan doen. Wat Alexei Perry nou eigenlijk staat te doen behalve het draaien aan knopjes op een mengpaneel, is voor het overgrote deel van het publiek waarschijnlijk een raadsel. Het deert niet, ze perst er goede beats uit en het geheel klinkt gewoon lekker.
Tegelijkertijd met Handsome Furs staat in de schouwburg Fever Ray geprogrammeerd. Erg jammer, want dit soloproject van The Knife's Karin Dreijer Andersson is bijna een must-see. Blijkbaar willen daar meer mensen naartoe, want halverwege het optreden is de ingang van de grote zaal geblokkeerd onder het mom van één in, één uit. Gelukkig kunnen we meekijken op een te smalle breedbeeldtv waarop we alleen wat laserstralen zien, maar alleen die zien er al veelbelovend uit. Maakt Karin in The Knife samen met broer Olof nog stomende electro, in Fever Ray komt haar popkant meer tot zijn recht. Eenmaal binnen blijkt dat Dreijer Andersson niet alleen is gekomen, maar een complete band om zich heen heeft gevormd. Helaas is er weinig van het geheel te zien vanaf het tweede balkon en de laserstralen komen vast ook beter over wanneer je eronder staat. Dit smaakt naar een goede herkansing.
Darker My Love in Lantaren/ Venster is precies zoals het programmaboekje beloofd: Beach Boys meets My Bloody Valentine. Klinkt onwaarschijnlijk, blijkt live wonderwel te werken. Jonge honden met een oud geluid. Onbegrijpelijk dat hier nog geen hele volksstammen muziekfans achteraan lopen.
Jóhan Jóhannsson is de programmatische verrassing van deze editie van Motel Mozaïque. De IJslander creëert op plaat een mooie crossover tussen electronica en orkestrale arrangementen, die helaas in de grote zaal van Watt helemaal dood slaat. Jóhannsson maakt het soort luistermuziek waar festivalpubliek zelden voor gemaakt is. Er wordt aan alle kanten doorheen gepraat en het rumoer van de zaal zorgt zelfs helemaal vooraan bij het podium voor dusdanige afleiding dat het geheel, ondanks het 4-koppig strijkkwartet, helemaal niet over komt. Wat een avontuurlijk uitstapje had moeten zijn draait jammerlijk uit op een mislukking. Dit was ongetwijfeld in de schouwburg veel beter tot zijn recht gekomen.
...And You Will Know Us By The Trail of Dead heeft er ondanks wat opstartproblemen duidelijk weer zin in en werkt vol bedrevenheid keihard met twee drummers hun bekendste nummers af. Zanger-gitarist Conrad Keely is vrolijk en babbelt er op los, terwijl de twee drummers zo in hun werk opgaan dat het bij vlagen op een wedstrijdje elkaar van het podium af drummen lijkt. Drummer-gitarist Jason Reece doet uit pure euforie tijdens de toegift al zingend een ererondje door de zaal, die daarop losbarst in een grote springende en meedeinende massa. Het ongeïnspireerde optreden dat de band enkele jaren geleden in Tivoli gaf is hiermee ruimschoots goed gemaakt.
De luchtige deuntjes van de Noorse Erland Øye en zijn Duitse kornuiten van The Whitest Boy Alive zijn een mooie weerspiegeling van het zomerse weer van eerder op de dag. Nog voor het viertal een noot gespeeld heeft gaan de handjes al in de lucht in, en in de propvolle en uitgelaten zaal gaat het spreekwoordelijke dak er ruimschoots af.
En zo gaan na een eerste avond Motel Mozaïque zowel de liefhebbers van bloedende oren als die van de subtielere luisterpop ruim tevreden naar huis.
Klik hier voor meer foto's van Motel Mozaïque 2009.

Startpagina