Bent u ook staatsrechtdeskundige?

Er is iets mis met het staatsrecht in Nederland. Of in elk geval met de staatsrechtdeskundigen. Geen enkele vraag levert een eenduidig antwoord op. Hoog tijd dat alle betrokkenen zich laten bijspijkeren, voordat ze overbodig worden.

De laatste loodjes van het kabinet-Balkenende III en de formatie van het kabinet Balkenende-IV blijven verrassingen opleveren. Formatiebesprekingen op geheime luxe-oorden op de hei waar de media alleen een enkele het-is-hier-heel-gezellig-foto mogen komen ophalen.

En eerder natuurlijk die bizarre taferelen rondom de pardonmotie, waar een afgekeurde minister mocht blijven zitten en de ene helft van het kabinet publiekelijk aankondigde dat de andere helft een blunder maakte.

Media

Is het u ook opgevallen dat de media steevast een staatsrechtdeskundige aan het woord laten, die zijn (nooit haar) oordeel geeft over de vraag of dit allemaal wel zo mag? En dat iedere deskundige een ander antwoord geeft? Moet je als minister met een motie van afkeuring aan je broek gewoon aftreden, of moet je alleen je beleid aanpassen?

Kan een demissionaire minister nog een keer gedwongen worden om af te treden, of is die dat al en kan dat dus niet meer? Is een demissionair kabinet vleugellam omdat het niets spannends meer mag doen, of is eigenlijk juist héél machtig omdat de Tweede Kamer het kennelijk niet écht naar huis kan sturen zo lang er geen nieuw kabinet is?

Grenzen

Staatsrecht is Belangrijk: een democratie heeft regels nodig, die aan berekenende politici en emotionele kiezers duidelijk maken hoe het spel wordt gespeeld, waar de grenzen liggen en wat er gebeurt als je die kruist. Daarom heb je ook goede staatsrechtdeskundigen nodig.

Zij moeten nadenken over die regels, daar onderzoek naar doen – en ook op gezette tijden via de media laten weten wat kan en wat niet. Als zij het publiek desgevraagd geen begin van een eenduidig antwoord kunnen geven, is het staatsrecht kennelijk niet duidelijk genoeg. Er is dus meer onderzoek nodig, meer gezaghebbende publicaties, studies en Kamerdebatten.

Prominent

Maar het ligt natuurlijk ook voor een deel aan de deskundigen zelf. Veel staatsrechtdeskundigen zijn eigenlijk (oud-) politicus en bestuderen dus het proces waar ze zelf deelnemer aan zijn. Of worden aangeduid als ‘prominent’ lid van een bepaalde partij.

Zij praten in de media over de acties van hun partijgenoten of geestverwanten en dat is te horen. En dan de media die de deskundigen aan het woord laten. Ze weten er vaak zelf te weinig van, kunnen niet snel genoeg een deskundige vinden die er helemaal buiten staat of bestempelen iemand als staatsrechtgeleerde die dat kennelijk niet is.

Alle antwoorden zijn goed

Dat moet dus anders. De echte staatsrechtgeleerden verdienen het om aan het woord te komen – hun specialisme moet niet gedevalueerd worden doordat jan en alleman het ook ‘deskundig’ mag proberen uit te leggen. Want als alle antwoorden mogelijk zijn, hebben we geen deskundige nodig en kunt u het antwoord net zo goed zelf bedenken.

Uitglijders

Als de heren terug zijn van de hei en bereid zijn ons te komen regeren, moet de politiek zich het lot van het staatsrecht aantrekken. Conclusies trekken over de uitglijders van de laatste weken en vastleggen hoe het voortaan anders moet.

Regering en Parlement vormen in hun debatten mede het staatsrecht – en daar mogen ze best even over doen. Het staatsrecht is te belangrijk om steeds te improviseren. Want als er geen staatsrecht is, bestaan ook regering en parlement niet meer en zijn wij weer de baas. Dat zal toch niet de bedoeling zijn?

Tip de redactie