Laat de kurk maar zinken

De programmagegevens zijn al decennia voorwerp van politieke en juridische strijd. Commerciële uitgevers willen wel televisiegidsen maken, maar krijgen moeilijk toegang tot de ruwe gegevens. Wat er op tv te zien is en wanneer, is dermate interessante informatie dat je met de verkoop daarvan een heel publiek omroepbestel kunt financieren, lijkt het wel eens. Ten onrechte, meent Remy Chavannes.

Het auteursrecht is bedoeld om originele uitingen te beschermen: voortbrengselen die een "eigen oorspronkelijk karakter" hebben volgens de rechtspraak van de Hoge Raad. Ideeën en informatie op zich worden niet beschermd. Toch beschermt het auteursrecht ook de programmagegevens, platte gegevens over wat er wanneer op welke zender wordt uitgezonden. Rechtstreekse overname is verboden.

Zendtijd

Vroeger waren de omroepbladen de kern van het publieke omroepbestel: de zendtijd van een omroeporganisatie was afhankelijk van het aantal leden en het programmablad kon je alleen krijgen door lid te worden van de omroep die het blaadje uitgaf. Hoe vlotter het blad, hoe meer abonnees/leden en dus hoe meer zendtijd.

Gegeven zo'n systeem is het begrijpelijk dat men de programmagegevens wilde beschermen. Als commerciële uitgevers ook een programmablad zouden kunnen verkopen of bij de zaterdagkrant weggeven, hoefde je dus geen 'lid' meer te worden van een publieke omroepvereniging om te weten wat er die week op de buis zou komen. Waarom dan nog lid worden van een publieke omroepvereniging?

Kurk

De rechtstreekse koppeling tussen programmabladabonnees en zendtijd is al in 1998 formeel afgeschaft, maar nog steeds zijn de programmabladen één van de kurken waarop het publieke bestel drijft. De bladen zorgen nog steeds voor leden: het blad is meestal gratis voor leden. Zij zorgen ook voor geld: meer dan 15 miljoen euro per jaar. Dat verklaart waarom de publieke omroepen én hun politieke vrienden in Den Haag nog steeds zo blijven pleiten voor bescherming van programmagegevens.

Er ligt al jaren een initiatief wetsvoorstel bij de Tweede Kamer om de programmagegevens van de publieke omroepen vrij te geven. Een Kamermeerderheid lijkt er nog niet te zijn. De tegenstanders en de twijfelaars zijn bang dat er geen compensatie komt voor de misgelopen omzet uit programmagidsen en zien het wetsvoorstel dus als een poging om de publieke omroep te verzwakken.

Belastingmaatregel

Het gaat dus weer gewoon om de poen. Veel gekker moet het niet worden: je laat de publieke omroepen geld vragen voor iets dat ze met belastinggeld hebben gemaakt, omdat je niet bereid bent ze in de rijksbegroting de financiering te geven die je vindt dat hij nodig heeft. Auteursrechtwetgeving als vervangende belastingmaatregel zeg maar.

Er zijn allerlei valide redenen te verzinnen om publieke omroep te hebben en goed te financieren, zoals de productie van hoogwaardige programmering die commercieel niet aantrekkelijk is, over 'moeilijke' thema's of voor doelgroepen die voor adverteerders niet interessant zijn, zoals ouderen en allochtonen.

Publieke omroepen zijn er echter niet om programmablaadjes te maken. Het publiceren van programmagegevens kun je beter overlaten aan de afdeling voorlichting of aan uitgevers. Dat geldt trouwens niet alleen voor programmagegevens: je zou kunnen zeggen dat publieke omroepen er überhaupt niet zijn om inkomsten te generen met spin-off producten: zij moeten juist geld uitgeven door mooie programma's te maken.

Bijbaantje

Zo lang programmagegevens worden beschermd om belastinggeld uit te sparen, worden omroepen beloond voor aantrekkelijke omroepbladen in plaats van aantrekkelijke programma's. Die weeffout moet uit het systeem.

De politieke vervolgvraag moet niet gaan over de compensatie van omzet die wordt verloren als de programmagegevens worden vrijgegeven. Als we de publieke omroep echt belangrijk vinden, moeten we die gewoon de financiering geven die hij nodig heeft, zonder dat hij zijn toevlucht hoeft te zoeken tot bijbaantjes zoals het uitgeven van programmabladen. Laat die kurk maar rustig zinken.

Tip de redactie