Gemalen botten

Volgens recent wetenschappelijk onderzoek is de oergezonde appel slechter voor je tanden dan Mentos, kauwgom of zuurtjes. Al eeuwenlang worstelen we met ons gebit. Wat is goed en wat niet voor je tanden? En hoe verzorgden mensen hun gebit eigenlijk voor de komst van de tandpasta en de moderne tandarts? Door Anno.

Poets je tanden met een mengsel van honing, rozewater, kalebas en bietsuiker. Spoel na met een slok pure wijn. Volgens een Italiaanse edelman uit de veertiende eeuw zou dat voor sterke en schone tanden zorgen en een frisse mond om te kussen...

Volgens deze man was zoetigheid goed voor je tanden, anderen waren daar toch minder van overtuigd. 'Zoete vijgen zijn slecht voor je tanden,' schreef de Griekse geleerde Aristoteles al voor onze jaartelling.

Platgeslagen stokje

Hoewel tandpasta pas in de twintigste eeuw algemeen gebruikt werd, hadden de mensen vroeger verbazingwekkend weinig gaatjes. De gemiddelde middeleeuwer had aan het einde van zijn leven maar drie aangetaste tanden of kiezen.

Hij maakte zijn tanden schoon met een lapje of een platgeslagen stokje. Ook bestonden er verschillende recepten voor 'tandpoeder'. Net als onze tandpasta was dit een schuurmiddel. Maar dan gemaakt van gemalen botten of zachte steen.

Doorboren

Wie toch een infectie kreeg, liet zijn tand of kies doorboren bij de barbier. Onverdoofd. Die bevestigde een metalen boorstaafje aan de pees van een boog. Door de boog snel heen en weer te bewegen, boorde hij binnen enkele minuten de rotte plek weg. De patiënt kon de tand met hars vullen, maar bleef meestal gewoon met een gat rondlopen.

Iedereen deed zijn best om zijn tanden zo lang mogelijk te behouden. Niet zozeer omdat onverdoofd trekken pijnlijk was, maar ook om problemen met eten te voorkomen. Kunsttanden bestonden nog nauwelijks, en eten daarmee was nauwelijks te doen.

Zwarte tanden

Vanaf de zeventiende eeuw ontdekten artsen technieken om gaatjes te vullen en kunstgebitten te maken. Dat was maar goed ook. Door de groeiende koloniale handel kwam er steeds meer (riet)suiker op de markt, hoewel het een duur product bleef. Vooral de rijke dames en heren gingen zich eraan te buiten. Zwarte tanden waren het gevolg. In plaats van te poetsen, gebruikten ze mondwater om hun slechte adem te verbergen. Meisjes kregen het advies om met hun mond dicht te lachen.

Zoetigheid

In de negentiende eeuw steeg de welvaart. Daardoor kreeg nu ook de middenklasse te maken met ernstige tandproblemen. Weer later konden ook de arbeiders zich zoetigheid veroorloven. Gelukkig kwam toen ook de tandpasta in het vizier en de regelmatige tandartscontrole.

Toch klaagt de tandartsenwereld nog steeds dat we onze tanden verwaarlozen. Volgens een onderzoek van Colgate poetsen Nederlanders te kort en te weinig, flossen ze bijna niet of nooit en gebruiken ze zelden mondwater.

En dan nu ook weer die vermaledijde appel, die net zo slecht als cola zou zijn. Komt het ooit goed met ons gebit?

De column Anno NU geeft wekelijks een stukje geschiedenis bij het nieuws. Reageren? Ga naar www.anno.nl.

Tip de redactie