Het h-woord

Om de vier jaar, en met onze kabinetten-van-Italiaanse-levensduur zelfs vaker, duikt ie weer op in verkiezingstijd: het h-woord. Politici huiveren, maar het koor van kritische economen zwelt aan tot orkaankracht. Door Peter Wierenga.

Een beetje masochist moet je tegenwoordig wel zijn, als ambtenaar. Was je altijd al de pispaal op feestjes (“Van mijn belastingcenten!”), nu heb je de twijfelachtige eer om een flink deel van je eigen populatie te liquideren.

Dat is namelijk een van de voorstellen die de twintig ambtelijke werkgroepen (“Ha, een contradictio in terminis!”) presenteerden.

Toen Balkenende IV dat circus op Prinsjesdag in het leven riep, was dan ook wel te voorspellen dat er een gigantische tombola aan ideeën en suggesties op tafel zou komen.

Terecht riep het kabinet de hoon over zich af, terecht diende de VVD een motie van wantrouwen in. Regeren is keuzes maken, en als je daar onderling niet uitkomt, kun je er maar beter meteen mee kappen.

Meevaller

In die zin zijn de vervroegde verkiezingen een meevaller. Nu mogen de partijen elkaar bestrijden met al het ambtelijke rekenwerk in de hand: hoe gaan we de pijn van de crisis verdelen en hoeveel levert dat op?

Er liggen een paar opties nogal voor de hand, die misschien niet het meeste geld opleveren, maar waarmee je wel meteen al die vetlagen in het openbaar bestuur opzuigt. Weg met de provincies en de waterschappen, op naar een nationale politie.

Maurice de Hond

Peilkoning Maurice de Hond komt intussen met de stem van het volk: Nederlanders willen liefst bezuinigen door te snijden in ambtenaren, politici, Europa (we zijn de grootste nettobetaler van de Europese Unie), ontwikkelingshulp (we zijn de Moeder Teresa onder de landen) en asielbeleid.

Kortom, haal het maar bij De Ander. Tja, de burger snijdt zichzelf liever niet in de vingers

Het zijn de makkelijkst gevonden centen, het laag hangende fruit. Het is ook beter dan snoeien in onderwijs en zorg, maar het is niet genoeg. Dit keer ontkomen we niet aan keiharde chirurgie. En dan weet je: vroeg of laat valt het h-woord.

De hypotheekrenteaftrek, dat heilige huisje in het kwadraat voor CDA, VVD en PVV. Het zou snijden in de eigen achterban zijn als ze dat rechtse taboe eens doorbreken, en toch is dat precies wat ze moeten doen. Als huiseigenaar zeg ik zonder eigenbelang: dit is hét moment

Natuurlijk moet je dat voorzichtig afbouwen om een al te grote shock te voorkomen, maar is het zo erg als de woningprijzen dalen na decennia van stijging?

De prijzen zijn soms idioot hoog. Het is ongelooflijk lastig voor ‘starters’ – zeker nu je niet meer dan vijf keer je inkomen mag lenen – om een beetje rijtjeswoning te kopen. Bovendien draait het om meer dan die aftrek alleen, de hele huizenmarkt moet op de schop.

Maak daar eens een Deltaplan voor en ruil de hypotheekrenteaftrek uit met die andere bitter noodzakelijke ingreep: langer doorwerken met zijn allen. Want een hogere AOW-leeftijd is weer taboe voor linkse partijen als SP en… PVV (ome Geert wil beide verworvenheden behouden).

Als kapitaal en arbeid elkaar aldus de hand reiken, en Marx’ voorspellingen weer eens gelogenstraft worden, kan ook het h-woord naar waar het thuishoort: in de geschiedenisboekjes.

Tip de redactie