Niet harder dan honderd
Amsterdam wil de maximumsnelheid in het centrum beperken tot dertig kilometer per uur, vanwege de verkeersveiligheid. De huidige limiet van vijftig kilometer per uur werd ook ingevoerd voor veiliger verkeer. Door Anno.
Foto: NU.nl
‘Ieder jaar eist het verkeer ongeveer evenveel doden als de watersnoodramp’, schreef Minister van Verkeer Jacob Algera in 1956.
Hij voerde daarom een snelheidslimiet in. Binnen de bebouwde kom mochten auto’s in Nederland vanaf 1 november 1957 hooguit vijftig kilometer per uur rijden.
‘De wet van de traagheid,’ noemde Trouw de maatregel spottend. Maar de meeste automobilisten hielden zich, zeker in de week na de invoering, keurig aan de limiet. Op de snelweg mocht je immers nog zo hard als je wilde.
Oliecrisis
Maar in 1973 brak de oliecrisis uit. Vanwege het dreigende brandstoftekort moest iedereen langzamer rijden, vond Minister van Verkeer Tjerk Westerterp. Dat was trouwens ook veiliger, zei hij. Vanaf 1974 mocht je daarom maximaal honderd kilometer per uur op de snelweg.
Automobilisten waren woedend, vooral toen bleek dat er genoeg brandstof in Nederland was. Premier Joop den Uyl kreeg er van langs: ‘Ik rij honderd als Den Uyl is opgedonderd!’ was een bekende slogan. De limiet werd massaal genegeerd. In 1983 reed 67 procent van auto’s op de snelweg harder dan honderd.
Nijpels
Drie VVD-ministers brachten in 1988 verandering. Dankzij Neelie Kroes, Ed Nijpels en Frits Korthals Altes mocht je op de snelweg voortaan 120 kilometer per uur rijden. Maar zelfs dat was sommige mensen te traag. Minister Korthals Altes gaf later toe dat hij wel eens tegen zijn chauffeur had gezegd: ‘Lap die limiet maar aan je laars’.
Al sinds de introductie van de auto is er gesteggel over snelheid. Lees hier meer over snelheidsbeperkingen aan het eind van de negentiende eeuw, toen auto’s niet harder mochten rijden dan een paard in matige draf.
De column Anno NU geeft wekelijks een stukje geschiedenis bij het nieuws. Reageren? Ga naar www.anno.nl.
Startpagina