Jeuk!
Ik heb een voorliefde voor irritante voetballers. Zuigers, duikelaars, tijdrekkers of tenentrappers: ze kunnen me niet vervelend genoeg zijn. Door Thijs Zonneveld.
Foto: ANP
Irritatie is een onderschatte emotie. Het hoort bij voetbal kijken, net zoals blijdschap of verdriet. Niets is zo lekker als je kapot ergeren aan de maniertjes van die balletjesafwachter in de aanval van de tegenstander.
Of om negentig minuten lang te mopperen op de roze schoentjes van de manke rechtsback. Cristiano Ronaldo uitfluiten of roepen dat zijn moeder een snor heeft: héérlijk. Daar ga je voor naar het stadion. Daar blijf je voor thuis op Champions League-avondjes.
Zlatan
Sommige spelers zijn heel goed in irriteren. Je onderbroek kruipt al in je bilnaad als ze het veld op lopen. Zlatan Ibrahimovic is een goed voorbeeld. Die arrogante kop alleen al laat je bloed koken. En dan heeft hij nog niet eens zijn ellebogen laten wapperen of de bal in de winkelhaak achter de keeper van je favoriete club gejast.
Ola Toivonen van PSV, ook zo’n fijne. Die is de hele wedstrijd bezig met twee dingen: zijn haar achter zijn oren vegen en tegenstanders naaien. Haalt het bloed onder mijn nagels vandaan, die Ola. Puur genieten.
Robben
Maar de meest irritante voetballer van het moment (met afstand) is natuurlijk Arjen Robben. Dat loopje alleen al, met die kleine balletpasjes en die opgetrokken ellebogen – jeuk! – dat is op zich reden genoeg om hem de Rudi Völler Wisselbeker voor Vervelendste Voetballer van 2011 uit te reiken. Maar Arjen kan meer dan irritant rennen.
Hij kan ook heel goed opzichtige Schwalbes maken. En doorrollen als hij een tikkie krijgt. En bij de scheidsrechter om gele kaarten vragen. En verongelijkt kijken als een medespeler hem een keer de bal niet geeft. En in zijn uppie proberen de hele verdediging van de tegenstander drie keer door de benen te spelen. Of anders van veertig meter op doel schieten.
Mega-egoïsme
Robben lijdt aan een zeldzaam hardnekkige vorm van mega-egoïsme. Hij haalde het WK dankzij (of ondanks) de magische handjes van de kwakzalvende wonderdokter Dick van Toorn – maar toen Dokter Dick na het WK door alles en iedereen werd aangevallen vanwege een scheurtje in een hamstring, hield Arjen laf zijn mond dicht.
Zelfs voor zijn eigen medespelers moet Robben een verschrikking zijn. Aan overspelen doet hij niet, als ze kritiek durven te geven vliegt hij ze aan, en als ze verliezen – dan is het de schuld van die prutsende verdedigers.
Arjen is net als die lul van een spits die in je eigen voetbalteam speelt: je tolereert hem omdat hij elke week de wedstrijd voor je wint. En je gniffelt van binnen als hij de voorstopper van de tegenstander een rode kaart aansmeert.
Zonde
Deze week werden Arjen en zijn irritatiefactor uit de Champions League geknikkerd. Zonde. Vooral omdat Zlatan Ibrahimovic er ook al uit ligt. En Van Bommel. En Gattuso. En Totti. En Suarez. En Flamini. En Schweinsteiger.
Gelukkig doen Cristiano Ronaldo en zijn moeders snor nog mee.
Startpagina