Thermometerman
Nooit geweten dat hij bestond. Of dat het überhaupt een beroep was in voetballand. Maar gisteren zag ik ‘m voor het eerst in een stadion in Moskou: de almachtige Thermometerman. Door Thijs Zonneveld.
Foto: ANP
Het was godvergeten koud in dat stadion. Volgens de Russische Piet Paulusma was het min 20. Aan de doellatten hingen ijspegels, de drie aanwezige toeschouwers waren vastgevroren aan hun stoeltjes en in de kleedkamer zaten de spelers van FC Twente te klappertanden.
Spits Bryan Ruiz had zichzelf vastgeklonken aan de verwarming, voorstopper Douglas zat met al zijn kleren aan in een warm bad en Theo Janssen wenste zijn speklaag van een paar jaar geleden terug. Voor geen goud gingen ze naar buiten.
Niet verantwoord
Niks wedstrijd. Die Russen van Rubin Kazan konden verrekken, hoe graag ze ook wilden spelen in die vrieskist. De clubarts zei dat het niet verantwoord was om te voetballen. En bovendien: min 20 betekende officieel dat het te koud was voor een voetbalwedstrijd. Stond in het grote regelboek van de UEFA.
Maar dat was buiten Thermometerman gerekend. Ik wist niet eens dat er iemand bestond die namens de UEFA rondloopt met een thermometer om te controleren of het niet te koud of te warm is om te voetballen. Volgens mij wist niemand het. Tot gisteren.
Verstrooide professor
Thermometerman bleek een kereltje te zijn van twee turven hoog, type verstrooide professor. Hij droeg een sjaal die hij als een hoofddoek over zijn kale schedel had gedrapeerd. Dat zag er nogal lullig uit, maar niemand durfde te lachen: het was duidelijk dat hij alle touwtjes in handen had.
Hij toverde een thermometer tevoorschijn en goochelde er wat mee rond op het veld. Daarna besliste hij in zijn uppie dat het in Moskou geen -20 was, maar -14,2 graden. Precies binnen de toegestane grens van -15. Rubin Kazan blij, UEFA blij.
Spiderman
Controle over de temperatuur: dat is nog eens macht. Superman mag dan kunnen vliegen, Spiderman kan misschien spinnenwebben uit zijn mouwen schieten – maar ze zijn een stel stumpers vergeleken bij een man die aan de thermostaatknop van een hele stad kan draaien. En die in zijn eentje kan beslissen over het doorgaan van voetbalwedstrijden.
En over de tenen van de arme reservespelers die de hele wedstrijd op de bank zitten te vernikkelen. En over het leven van die arme keeper die binnen negentig minuten verandert in een iglo.
Thermometerman is almachtig. Bijna net zo almachtig als de voetbalbonden die bepalen dat er midden in de Russische winter Europacupwedstrijden moeten worden gevoetbald bij diepvriestemperaturen. Of een WK in de woestijn van Qatar.
Rode jarretels
Terwijl de spelers van Twente over het kunstgras schaatsten voor hun warming-up, borg Thermometerman zijn thermometer op en vertrok. Per limousine. Op naar zijn luxueuze hotelkamer in de binnenstad van Moskou, waar een paar Svetlana’s met rode jarretels op hem lagen te wachten als een bedankje van de clubleiding van Rubin Kazan.
Toastjes met kaviaar erbij. Wodka met ijs. Misschien nog wat zakgeld. Thermometerman sloeg de deur van de limo dicht, liet zich wegzakken in de lederen bekleding. En daarna vroeg hij de chauffeur om de verwarming zo hoog mogelijk op te stoken.
Startpagina