Bikinilichaam
Het hele voorjaar heb ik weten te vermijden op een weegschaal te staan. Dat kwam zo... Door Jan Heemskerk
De huisweegschaal had de ongelijke strijd met de vochtigheidsgraad in de badkamer opgegeven, en mevrouw Heemskerk, normaal de drijvende kracht achter het bijhouden van het gezinsgewicht, vreesde ook dat zij misschien qua BMI een tikje richting boven-ideaal was opgeschoten. Dus die stond ook niet te springen om langs de Blokker te hollen en een nieuwe digitale waakhond aan te schaffen.
Maar ja, dan nadert de zomer, hoewel deze er dit jaar alles aan heeft gedaan zo lang mogelijk weg te blijven, en vraagt men zich in huize Heemskerk af of men nog wel in bikini past. Kan ik wel zeggen: ‘ja, hoor schatje, je ziet er prima uit’, of ‘nee hoor schatje, dat is geen vetrol, dat is het licht’, maar uiteindelijk is er geen houden aan, en wil mevrouw H. keiharde bewijzen. In klinkende kilo’s. En aldus werd de nieuwe weegschaal aangeschaft.
En maandag was het dan zo ver. Ontdaan van het geringste spoortje kleding, ná de plas, maar vóór de douche, want iedere gram telt, stapte mijn liefste en mooiste op de schaal. Een zucht, een wankel, een lichte huivering langs de ruggengraat, en (trommeltrommeltrommel)...1,2 kilo boven haar ideaal. "Nou, dat valt mee", sprak zij opgelucht. "En nu jij." Dat zei ze ook. Er was geen houden aan. Dus, plas, geen douche, geen textiel, op die schaal.
100.4.
Ja. Honderdpuntvier. Niet éénkommatwee, maar twáálf kilo boven het streefgewicht. Moet je mevrouw Heemskerk hebben: zelfverklaard oppervlakkig als zij is, zegt ze mij niet meer aantrekkelijk te vinden als ik a) te dik ben en b) mijn baard zo lang laat groeien als Catweazle. Ik ben meteen mijn baard gaan trimmen, maar het was al te laat. "We gaan lekker afvallen, de komende paar weken", zei ze. En ook: "Je moet het zo zien: we hebben genoten van al dat lekkers, en nu betalen we de prijs." En: "Je zult eens zien hoeveel energie je er van krijgt."
Vanaf dat vreselijke moment word ik dag en nacht bestookt met de meest gruwelijke dieet-regimes, die allemaal één ding gemeen hebben: je drinkt geen wijn en eet geen ‘carbs’ (dieetspeak voor koolhydraten). Of vet. Of iets anders lekkers. De meest extreme aanpak kwam vanmorgen en was bedacht door een voormalig beroepsmilitair, die op een kwade dag had besloten alleen nog tussen vijf uur ‘s middags en tien uur ‘s avonds te eten. Net als de wilde dieren. Of zo. Ik stond op het punt mezelf heel zielig te gaan vinden.
Toen pakte ik de krant. Er stond in uitgelegd hoe sterven van de honger gaat. Dat is niet leuk, kan ik je melden. Er stond ook dat het menselijk lichaam zonder noemenswaardige schade 60 dagen zonder voedsel kan. En een pagina verderop stond een bericht dat de wereldzeeën nagenoeg zijn leeggevist. Dat soort info relativeert toch wel je eigen getut over afvallen. En maakt tegelijk dat je het gevoel krijgt dat je maar flink moet genieten van wat je hebt. Dus zeg ik: neem vanavond gerust een stukkie onbeperkte spareribs. Maar maak ook ff wat centjes over naar 555 voor Afrika. Kunnen die mensen ook een keer aan een behoorlijk bikinilichaam werken.

Startpagina