Dag Jan Peter
The come back kid kan aanstaande zaterdag lekker 21 uur zijn auto gaan wassen. Gisterennacht nam Jan Peter Balkenende afscheid van de politiek, na de grootste slachting die het CDA ooit meemaakte. Door Nico Dijkshoorn.
Foto: NU.nl/Laurens Jobse
Ik moet zeggen: het zag er weer niet uit. Het leek alsof Bush naast hem stond, zo lullig hingen de armpjes langs zijn lichaam.
Eerst legde ik dat uit als onzekerheid. Verlegenheid misschien. Dat kan, premier zijn tegen wil en dank. Ik zag het deze weken ook bij Cohen. De zichtbare walging van het verkiezingscircus en een glimlach die met een vuistbijl in zijn kop leek geslagen.
Misschien had Jan Peter daar ook last van. Wel een land willen leiden en toch te verlegen zijn om bij een slager te zeggen dat je je biefstukje juist niet platgeslagen wilde hebben. Jan Peter leek mij zo iemand. Doodsbang kijken hoe ze bij de bakker 163 moorkoppen inpakken omdat ze je verkeerd hebben verstaan.
Autisme
Gisteren zag ik dat het anders zat. Het is, achteraf, toch altijd een aan autisme grenzende naïviteit van een wereldvreemde machtsliefhebber geweest. Zo stond JP er gisteren bij, als een jongetje die geen piloot kan worden omdat ze net hebben ontdekt dat hij stiekem een bril van -6 in zijn zak heeft.
JP verscheen gisterenavond, na 20 zetels verlies, samen met zijn vrouw op het podium. Bij Obama werkt dat. Bij Kadaffi denk ik ook. Bij Jan Peter niet. Bianca benadrukte, door alleen naast hem te gaan staan, nog eens de enorme onhandigheid van haar man.
Hakkelen
Ik denk dat juist die schoolpleinachtige truttigheid hem de kop heeft gekost. Deze verkiezingen gingen nooit om inhoud. Het ging om hakkelen, om one-liners, om soundbites, altijd om het piepkleine naar binnen gerichte microscopisch kleine Nederlandse geouwehoer. Balkenende heeft deze verkiezingen op 1 beslissend moment verloren.
In het RTL-debat, tegenover interviewster Mariëlle Tweebeke, deed Jan Peter, in het nauw gebracht door een steeds herhaalde vraag, waar hij al jaren zo goed in was: de halfzachte semi-infantiele lulhannes uithangen. De onnozele, die altijd in zijn lichaam huist, er even uit laten, tot nu toe leverde dat altijd stemmen op.
Juist het daverende gelach uit de tweede kamer, nadat hij met een kikkerstemmetje had staan fantaseren over de tijd dat wij Nederlanders nog de wereldzeeën domineerden en Indonesiërs in elkaar knuppelden, juist die lach maakte hem altijd sterk. Het onhandige gebel met Jan Smit, het droogneuken met Katja Schuurman, dat stralende jongenshoofd als hij een autobeurs bezocht. Het werkte altijd.
Tweebeke
Dit keer niet. Dat komt door de magistrale reactie van journaliste Mariëlle Tweebeke. Kijk het maar terug. De zaal bulderde al weer van het lachen na Balkenende zijn “u kijkt zo lief”. Ach god, die jongen. Tweebeke was de eerste persoon in acht jaar die niet meeging in deze dominante mannelijke christensfeer. Ze keek de premier streng aan. Een mooie blik.
Zijn moeder die hem betrapt met de broek op de schoenen of zijn vrouw die wil weten waarom hij de laatste tijd opeens zijn kruis scheert. Precies op dat moment verloor JP de verkiezingen. In de stilte die volgde op de blik van Tweebeke. Zou ze gelachen hebben, dan was het CDA nu de grootste partij. De onbeholpenheid werkte niet meer. Het riep opeens geen ontroering meer op.
Zo stond hij er gisteren bij, vlak voor zijn afscheidsspeech. Als iemand die door heel Nederland recht in de ziel was gekeken. Hij probeerde het nog wel, dramatisch afscheid nemen, maar tevergeefs. Daar stond hij, voor een zaal mensen die zonder hem 20 zetels meer hadden gehad. Een doodsbang jongetje met een kapotte boot in zijn handen.
Startpagina