Met je sneup aan de woudbakker

Als de kip een sperwer zie, dan werden ze bang. We krijgen de hogedruk uit Rusland vandaan. Dat u het even weet. In Jisp zitten ze bovenop het nieuws. Door Nico Dijkshoorn

Al een halve eeuw lang wordt daar geluld over het weer, het vlieggedrag van bepaalde vogeltjes, dat de kerkklok een minuutje voorloopt, het brood steeds duurder wordt en dat over de hele linie alles steeds minder wordt in plaats van meer.

Hoe ik dat weet, de man die met 160 kilometer per uur door dorpen rijdt, op weg naar een stad? Ik heb er lekker naar zitten luisteren.

Op de website van het Meertens instituut, dat zich bezighoudt met de bestudering en documentatie van Nederlandse taal en cultuur, is sinds kort een Sprekende Kaart te raadplegen, waarop soundbites zijn verzameld van honderden Nederlandse dialecten. En dat is genieten.

Tijdreis

Ik zet het aan tijdens het afwassen of tijdens het schrijven en het geeft een enorme rust. Een tijdreis maak je. Op de televisie staat Cohen uit te leggen dat hij er allemaal niets aan kan doen, en dat hij in een beginstadium nog heeft aangeboden zelf een tunnel onder Amsterdam te graven en tegelijkertijd luister ik naar iemand uit Lheebroek die vertelt dat, onder de juiste weersomstandigheden de proemkussels door Tjeerd en Roekert wel eens achter de schutbossies werden gelegd. Totdat er een rigge door de rogmolen werd gehaald natuurlijk. Dan hield alles op.

Wat een heerlijke site. Eindelijk iets anders dan dat moderne gelul om me heen. Als Arie Boomsma voor de dertigste keer ergens uitlegt dat jezus gewoon een geile gespierde presentator verdient, hol ik al naar mijn laptop.

Op een willekeurig dorp drukken en hopla, daar zit al weer iemand te vertellen dat hij eigenlijk helemaal niet gewend is om zo een lang stuk achter elkaar te praten. Waarna een eindeloos verhaal volgt over de eerste ontmoeting met een waalse schuithaas.

“Ik zag hem zitten, op het pad, ik dacht, mirakels, een schuithaas. En wat voor 1. Met van die oren en die poten. Ik heb het ook geroepen, uit alle macht, om de mensen in het dorp te waarschuwen. Schuithaas, schuithaas! Toen schrok hij en liep hij weg, die kant op. Nou ja, je moet er bij zijn geweest, merk ik.”

Traagheid

Zo is het juist niet. Je bent juist dolblij dat je er niet bij bent geweest. Bijna alle audiofragmenten zijn van een wurgende traagheid, gewoonheid en in bijna alle gevallen voor 80 procent onverstaanbaar. Heerlijk! Twee mensen over landbouwmachines horen praten terwijl je zelf uit probeert te vogelen hoe een elektrische slowcooker werkt, het is weer eens een heel andere manier van in het leven staan.

Wat nogal ontroert is het ongemak van de mensen die aan het woord zijn. Dat komt door de situatie. Ze weten dat ze linguïstische proefkonijnen zijn. Op bijna alle opnamen hoor je een medewerker van het Instituut eerst nog iets zeggen. Zoiets als: ja, hij kan. Of: band loopt. Daarna moeten de uitverkoren dialectsprekers wat geforceerd met elkaar gaan zitten beppen, alles voor de auditieve geschiedschrijving.

Lullen

Waarschijnlijk daarom gaan bijna alle gesprekken over landbouwwerktuigen of het weer. Dat is universeel. Zet twee mensen naast elkaar en ze gaan over het weer zitten lullen. Een van de weinige dingen waar je helemaal niets aan kunt veranderen, dus misschien wel de meest zinloze bezigheid ooit.

“Ik denk dat het gaat regenen, want de kiekert staat in de witte skim” En dan het antwoord van de andere weerkundige. “Oh, ik denk juist dat het opklaart, want vanochtend stoefte de braadpiet aan het luitje”

Maar toch, alles beter dan het gezeur over metro’s, doelpunten in de laatste minuut, doodsbedreigingen aan dj’s, benefietconcerten om Diana Ross naar Nederland te kunnen halen etc. Ik ben inmiddels verslaafd aan die audiokaart van Nederland. Aardappeltjes op het vuur, in de schil natuurlijk, witte sokken aan, makkelijke broek en op de bank liggen luisteren naar twee inwoners uit Otterlo die ruzie krijgen over een melkwagen die ooit over de Koningsweg reed. Heerlijk.

Tip de redactie