Keith Jarrett – Rio
Improviserend jazzpianist Keith Jarrett vraagt veel van zijn publiek. En niet alleen muzikaal. Iedereen moet stil zijn, luisteren en tussendoor ovationeel applaudisseren. Als er een telefoon afgaat bestaat zelfs de kans dat de eigenzinnige pianist het concert stopt.
Gelukkig voldeed het publiek in Rio de Janeiro, afgelopen april, aan alle eisen. De Amerikaan speelde naar eigen zeggen zijn beste show in jaren. Dat blijkt waar te zijn. In zijn imposante carrière, die hem via Art Blakey en Miles Davis naar volledig geïmproviseerde soloconcerten voerde, is Rio een nieuw hoogtepunt.
Het concert telt vijftien composities. Deze zijn warm, melodieus en funky, nu eens klein en subtiel, om dan weer woest als een waterval op de toetsen neer te kletteren. De ouverture, Part 1, doet nog vermoeden dat het een heftige en lange zit wordt. Maar daarna vindt Jarrett zijn vorm.
Het resultaat is een virtuoos, genreoverschrijdend werk met daarin jazz-, blues-, gospel-, latin- en klassieke invloeden, altijd voorzien van de Keith Jarrett-signatuur. Part 3 is een prachtig voorbeeld van zijn gecontroleerde expressiviteit. Voortgestuwd door de ritmiek van zijn linkerhand en de subtiele lyriek van zijn rechterhand brengt Jarrett het Braziliaanse publiek snel in vervoering.
Bronstig
Misschien omdat hij, voor zijn doen, toegankelijk is. Hij speelt veel repeterende thema’s en akkoordenschema’s, gecombineerd met fijne harmonieën. Maar de spontane modulaties en wisselingen in dynamiek bewijzen zijn inventiviteit. En hij geeft zelf op vertrouwde wijze aan wanneer hij iets moois verzint: dan kreunt Keith Jarrett als een bronstig hert.
Dat kenmerkende gesteun kan mensen nog wel eens afstoten. Vanwege zijn houding en zelfingenomenheid willen sommigen zelfs helemaal niks van hem weten. Jarrett vergt moeite. Maar hij geeft er veel voor terug. Zet je telefoon uit, neem plaats op een luie stoel, sluit je ogen en luister. Rio is het waard.
| Beoordeling: |
Startpagina