Duffy - Endlessly

Daar was ze dan ineens; Duffy, met haar niet te versmaden debuutalbum Rockferry, die heerlijk rasperige stem en de bijna acute popklassieker Mercy. Hoe overtref je in vredesnaam zo’n binnenkomst op het wereldtoneel van de popmuziek? Niet, zo blijkt.

Met twee staartjes in haar goudblonde haar en een zwoele oogopslag siert Duffy op verleidelijke wijze de hoes van haar tweede album, Endlessly. Dat wordt weerspiegeld in de eveneens verleidelijke liedjes van de Britse blondine, die voluit Aiméé Ann Duffy heet.

De notoire producers van het eerste album (Bernard Butler, Jimmy Hogarth en Steve Booker) worden op Endlessy ingeruild tegen Albert Hammond, die in de jaren ’70 en ’80 hits schreef voor onder andere Leo Sayer, The Hollies, Chicago, Tina Turner, Starship en Whitney Houston.

Hammond (overigens de vader van Albert Hammond, Jr., bandlid van The Strokes) had ook solo succes in de jaren ’70, met hits als It Never Rains In Southern California en The Free Electric Band, en opnieuw in de jaren ’80 als helft van het duo Hammond and West (Albert West was de andere helft).

Bardot

Hippe geluidjes en beats met orkestbegeleiding zijn te horen op albumopener My Boy en later op Keeping My Baby, Girl en Lovestruck. Allemaal erg amusant, hoewel Duffy vanwege de wulpse kreunzang afwisselend klinkt als Brigitte Bardot en Kylie Minogue.

Duffy’s stem komt bijzonder mooi en fragiel naar voren in de ballad Too Hurt To Dance, met een meeslepend refrein zoals Albert Hammond ze reeds in de jaren ’70 schreef. Single Well, Well, Well profiteert van het feit dat The Roots hier de begeleidingsband is.

Referentiekaders

Burt Bacharach was één van de referentiekaders op Rockferry en ook hier is de invloed van één van de grootmeesters van het populaire lied niet te ontkennen, getuige liedjes als Don’t Forsake Me, Breath Away en Hard For The Heart.

Opmerkelijk is de coverversie van Girl, het enige liedje op het album dat niet geschreven is door Hammond en Duffy. Het is van de hand van Paddy Chambers van de obscure merseybeatgroep Paddy, Klaus & Gibson en hun manager Don Paul. Mid-jaren ’60 was het beattrio bevriend met The Beatles; Klaus Voormann ontwierp de hoes van Revolver en kwam later terecht in de liveband van Lennon.

Flets

De productiestijl van Hammond is soms wat flets in verhouding met die van Butler. Dat viel ook het platenlabel van Duffy op, die topproducer Stuart Price (The Killers, Madonna, Scissor Sisters) inhuurde om een aantal nummers meer hedendaags te laten klinken.

Verder is er op Hammond niets aan te merken, want hij voorziet Duffy van een aantal prima liedjes met overduidelijke knipogen naar de sixties en seventies. Hij slaagt er echter niet in om de zangeres een gedenkwaardige opvolger te schenken van Rockferry.


7/10

Lees meer over:
Tip de redactie