Slash – Slash

Na zijn onvriendschappelijke afscheid van Axl Rose vermaakte gitaarfenomeen Slash zich voor enige albums met z’n bluesy Snakepit en supergroep Velvet Revolver. Nu is er dan eindelijk zijn eerste ‘echte’ soloalbum.

Anders dan de titel lijkt te suggereren, staat het ego van onze snarenplukker niet bijzonder op de voorgrond op de nieuwe schijf, en dat blijkt geen goed gegeven.

Als je de imposante lijst met vooral zangers die hebben meegewerkt aan deze plaat bekijkt, bekruipt je sterk het gevoel dat Slash de afgelopen jaren geen onbekende is geweest op partijtjes van beroemde rockcollega’s.

Gezellig

Het woord dat de sfeer op dit album dan ook het beste weergeeft is gezellig: ouwe jongens krentenbrood met Izzy, Ozzy, Lemmy en Iggy, hoewel ook de jongere generatie poprockers niet wordt overgeslagen in de personen van onder anderen Andrew Stockdale van Wolfmother, Adam Levine (Maroon 5), Kid Rock en zelfs Black Eyed Peas’ Fergie.

In de wereld van de rock zijn albums gevuld met gastperformances van sterren doorgaans niet bepaald de beste. Hierop vormt het debuut van Slash helaas geen uitzondering.

Ongevaarlijk

Belangrijkste tekortkoming van deze plaat is het ongelofelijk veilige karakter van de nummers. De samenwerking met Fergie levert misschien nog het meest gewaagde resultaat op, maar zwaar opgepoetste, hijgerige ‘chickrock’ is niet de context waarin Slash’ soulvolle spel het best tot zijn recht komt.

De rest van het materiaal doet daar qua gepolijst geluid en keurig afgepaste lengte jammer genoeg zelden voor onder, waardoor onze gitaarheld maar mondjesmaat ruimte krijgt goed los te gaan op zijn instrument.

Generiek

Dat klinkt de liedgerichte popliefhebber wellicht niet gelijk als een enorme ramp in de oren, maar in combinatie met de generieke composities zorgt het voor een grotendeels ongevaarlijk klinkende plaat, die zonder al te veel beroering te veroorzaken aan de luisteraar voorbijtrekt.

Ongetwijfeld een groot compliment voor een loungejazz-album, maar dodelijk bij rock ‘n roll.
Gunstige uitzonderingen zijn er gelukkig wel: Doctor Alibi wordt met name door Lemmy’s rauwe stemgeluid gered en het daaropvolgende instrumentale Watch This geeft Slash eindelijk de kans stevig van leer te trekken op zijn gitaar.

Het geaffecteerde gekweel van Myles Kennedy (naar verluidt tevens de tourzanger) een paar nummers verder laat echter toch verzuchten waarom Slash niet eenvoudig met een volstrekt onbekende, ongeremde bluesy hardrockbende gaat spelen. Dan zouden zijn onmiskenbare gitaargaven tenminste de ruimte krijgen die ze verdienen.

5/10

Slash speelt op 30 mei op Pinkpop in Landgraaf.

Tip de redactie