EU-landen niet verplicht om humanitair visum af te geven aan vluchtelingen

Europese landen zijn niet verplicht een humanitair visum af te geven aan mensen die in hun land een ernstig risico lopen om onmenselijk te worden behandeld of te worden gemarteld. Dat heeft het Europees Hof van Justitie dinsdag bepaald.

De zaak draait om een Syrisch christelijk gezin met drie kinderen dat in oktober vorig jaar om een humanitair visum vroeg bij de Belgische ambassade in Libanon, uit vrees voor vervolging en marteling. Zij wilden vervolgens in België asiel aanvragen. Een gezinslid verklaarde te zijn ontvoerd en gemarteld.

De Belgische Dienst Vreemdelingenzaken weigerde het visum af te geven, met als belangrijk argument dat er geen verplichting is om iedereen die in een rampzalige situatie verkeert toe te laten. Het gezin ging in beroep, waarop de zaak aan het hof in Luxemburg werd voorgelegd.

De advocaat-generaal Mengozzi van het Europees Hof van Justitie gaf vorige week nog het advies het humanitair visum wel als een recht te zien en niet als een gunst. Het Hof gaat hier niet in mee.

Asielbeleid

De Belgische staatssecretaris Theo Francken (Asiel) had vanwege de ''verregaande implicaties'' voor het Europese asielbeleid aan veertien andere EU-landen, waaronder Nederland, gevraagd om steun bij de rechtszaak. Vluchtelingen hadden bij een recht op humanitair visum overal ter wereld visa kunnen aanvragen bij ambassades.

Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, Klaas Dijkhoff reageert verheugd op het oordeel. "Logisch & goed oordeel Europese Hof. Geen ‘asiel op afstand’, wel opvang in regio", laat hij weten in een tweet. Ook spreekt hij van een goede samenwerking met Francken.

Lees meer over:
Tip de redactie