'Britse invasie in Irak was geen laatste optie'

De invasie van Britse troepen in Irak in maart 2003 was "geen laatste optie" om het land te dwingen de veronderstelde massavernietigingswapens in te leveren. De opties om tot een vreedzame oplossing te komen voor het conflict met het land waren "nog niet uitgeput".

Dat blijkt woensdag uit een rapport over de Britse deelname aan de oorlog in Irak tussen 2003 en 2009. 

De commissie onder leiding van voormalig ambtenaar John Chilcot onderzocht de afgelopen jaren hoe Groot-Brittannië tot het besluit kwam om deel te nemen aan de oorlog en hoe de Britten in Irak hebben opgetreden.

Chilcot stelt woensdag in een persconferentie dat de informatie waarop het kabinet in 2003 het besluit baseerde om Irak binnen te vallen met "niet gerechtvaardigde zekerheid" werd gepresenteerd. Het gaat om de aanwezigheid van massavernietigingswapens in Irak, die destijds als aanleiding werden gebruikt om Irak binnen te vallen. Deze zijn echter nooit gevonden.  

Volgens de commissie zijn de beweringen van toenmalig premier Tony Blair niet voldoende onderzocht en is de beslissing om Irak binnen te vallen genomen op basis van "gebrekkige informatie en onderzoeken." Chilcot suggereert hiermee dat Blair handelde uit politieke motieven.

VN Veligheidsraad

Het Verenigd Koninkrijk ondermijnde daarnaast de autoriteit van de VN Veiligheidsraad. In 2002 stemde de raad niet in met een buitenlandse troepenmacht in Irak, omdat de leden niet overtuigd waren dat de manieren om tot een diplomatieke oplossing te komen voldoende waren benut. De VS en Verenigd Koninkrijk bleven echter aandringen op een militaire invasie. 

Het onderzoek meldt dat Blair de toenmalige Amerikaanse president George W. Bush, initiatiefnemer van de oorlog ik Irak, zou hebben toegezegd de VS "hoe dan ook" te volgen. Het Verenigd Koninkrijk had vervolgens nauwelijks invloed op het Amerikaanse beleid in Irak. "Blair onderschatte zijn mogelijkheden om de Amerikaanse beslissingen te beïnvloeden," aldus de commissie.

De invasie door de Britten was bovendien "slecht voorbereid" en militairen waren slecht uitgerust als gevolg van de "inadequate planning" van de missie. Daarnaast hield de regering geen rekening met de gevolgen van de oorlog. Het ontbrak aan een plan voor na de invasie. Blair beweerde destijds dat die gevolgen niet te voorzien waren, maar Chilcot weerlegt deze bewering.

Tony Blair

Blair zegt in een reactie op het rapport de volledige verantwoordelijkheid op zich te nemen voor de fouten die tijdens en na de oorlog zijn gemaakt. Hij zegt altijd in de belangen van zijn land te hebben gehandeld.

Hij gelooft niet dat de val van Sadam Hoessein in 2003 de oorzaak is voor het hedendaagse terrorisme in het Midden-Oosten. Sinds de val van de dictator bestoken sjiitische en soennitische milities elkaar en worden geregeld aanslagen gepleegd. Momenteel bezit terreurgroep Islamitische Staat enkele gebieden in Irak.

Premier David Cameron zegt woensdag dat "belangrijke lessen" kunnen worden getrokken uit het onderzoek, maar hij ontkent dat iedere invasie per definitie verkeerd is. 

Labourleider Jeremy Corbyn, destijds fervent tegenstander van de Irakoorlog, zegt dat het publiek in 2003 gelijk had, terwijl politici er naast zaten. Hij noemt een militaire missie zonder toestemming van de VN "gevaarlijk". Het parlement debatteert volgende week twee dagen over de kwestie. 

Video: Het commissiehoofd over de rol van Tony Blair

Sadam Hoessein

Groot-Brittannië en de Verenigde Staten vielen Irak in maart 2003 binnen om dictator Sadam Hoessein ten val te brengen. Een directe aanleiding voor de oorlog was voor de landen de aanwezigheid van massavernietigingswapens, maar die zijn nooit gevonden. Britse troepen verlieten Irak in 2009. De VS bleef militair tot 2011 in het land aanwezig.

Nederlandse militairen waren tussen 2003 en 2005 aanwezig in Irak.

Lees meer over:
Tip de redactie