Chemisch VN-team kan binnen 24 uur naar Syrië

Het onderzoeksteam van de Verenigde Naties dat het mogelijke gebruik van chemische wapens in Syrië moet onderzoeken, staat klaar om binnen 24 uur te vertrekken. 

Het wachten is op het groene licht van het bewind in Damascus.

Dat maakte secretaris-generaal Ban Ki-moon van de VN maandag in Den Haag bekend, waar hij de conferentie van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) bezoekt.

Met name Syrië, Groot-Brittannië en Frankrijk dringen aan op een onderzoek. Het bewind van Bashar al-Assad beschuldigt de rebellen van het gebruik van chemische wapens. Het Westen maakt zich zorgen dat de regering zelf massavernietigingswapens gebruikt.

Overleg

De leider van het VN-onderzoeksteam heeft dagenlang in Den Haag overlegd met de OPCW en met vertegenwoordigers van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). De OPCW stelt 15 experts ter beschikking aan de VN voor de missie.

De voorhoede staat al in de startblokken op Cyprus. Volgens Ban moeten nog enkele ''technische en juridische kwesties'' worden opgelost voordat de onderzoeksmissie ter plaatse aan de slag kan.

In Syrië woedt al meer dan twee jaar een burgeroorlog die al aan meer dan 70.000 mensen het leven heeft gekost. Ban benadrukte maandag nog eens dat er vooralsnog ''geen uitzicht is op een politieke oplossing''. 

Lid

Ban heeft ook gezegd dat alle landen in de wereld ''zonder verder uitstel'' lid moeten worden van de OPCW.  Hij noemde de acht landen die tot nu toe ''buiten blijven'' met naam: Angola, Egypte, Israël, Myanmar, Noord-Korea, Somalië, Syrië en Zuid-Sudan.

De OPCW zetelt sinds 1997 in Den Haag en is de eerste en enige internationale organisatie die apart is opgericht om een hele categorie massavernietigingswapens uit te bannen.

Alles over de onrust in het Midden-Oosten

Lees meer over:
Tip de redactie