Kabinet houdt vast aan prioriteiten Arabische regio

DEN HAAG - Het kabinet blijft Tunesië, Egypte, Marokko, Jordanië en Libië ondersteunen in het democratiseringsproces. Dat schrijven minister Rosenthal en staatssecretaris Knapen vrijdag aan de Kamer.

De vijf landen zijn gelabeld als “prioriteitslanden”. Ook aan Iran wordt aandacht besteed, omdat er volgens de minister “een storende invloed op het transitieproces” van het land uitgaat.

Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken) constateert een wisselend beeld in de ontwikkelingen binnen de Arabische regio. “Er zijn landen waar reeds goede vorderingen zijn gemaakt in de richting van democratisering, in een aantal landen is sprake van een aarzelend herstel, en er zijn landen waar de situatie dramatisch verslechtert.”

Vanwege de slechte economische situatie in de Arabische regio, wil het kabinet de nadruk leggen op economische groei en sociaaleconomische hervormingen, als basis van "de democratisering en de opbouw van de rechtsstaat".

Ook wordt meer ingezet op waterdiplomatie in de regio, aangezien waterschaarste "een potentiële bron van conflicten" vormt. Daarbij wordt zoveel mogelijk van Nederlandse kennisinstellingen gebruik gemaakt, met water als "niche voor het Nederlandse bedrijfsleven".

Tunesië en Egypte

Het kabinet constateert dat Tunesië en Egypte een jaar na de revolutie in een nieuwe fase zijn beland: De overgang van revolutie naar staatsvorming. Maar de positieve politieke ontwikkelingen gaan samen met een stagnerende economie.

“Het ontbreekt aan een verbeterd perspectief”, aldus de minister. “Geledingen in de maatschappij die gebaat zijn bij een seculiere samenleving, vooral vrouwen, zijn bezorgd over de toegenomen invloed van de islamisten.”

Ook benoemt Rosenthal “de nog steeds zeer invloedrijke positie van het leger” in Egypte als een zorg, evenals de positie van religieuze minderheden en vrouwen. “De regering blijft de incidenten aan de orde stellen.”

Nederland zal daarom de nieuwe regeringen op hun programma’s en daden beoordelen en blijft bij zowel de huidige als de toekomstige machthebbers “het belang van een democratische transitie onderstrepen”.

Syrië

De situatie in Syrië baart het kabinet grote zorgen. Nederland wil dat de VN Veiligheidsraad zich over de crisis uitspreekt.

Binnen de Europese Unie (EU) zet het kabinet in op aanscherping van sancties ten opzichte van Syrië, “waaronder een verbod op de uitvoer van internetmonitoringstechnologie en maatregelen in de financiële en de energiesector”.

Iran

Wat betreft de verstorende invloed van Iran op het Arabische democratiseringsproces, hoopt Nederland dat de onlangs door de EU aangekondigde sancties in ieder geval de Iraanse nucleaire ambities indammen.

Wel is Europa bereid om met Iran in gesprek te blijven. "Speculeren over andere opties of deze uitsluiten is momenteel niet aan de orde", aldus Rosenthal.

Fondsen

In Marokko, Jordanië en Oman ondersteunt Nederland de democratische overgang uit beschikbare fondsen.

Ook Libië komt in aanmerking voor financiële hulp uit centrale fondsen van het Ministerie. Zo wordt het herstel van de stabiliteit van het land via de Verenigde Naties met een miljoen euro gesteund.

Jemen

Staatssecretaris Ben Knapen wil Jemen weer de helpende hand bieden, nadat de samenwerking vorig jaar werd stopgezet vanwege geweld tegen betogers. Stapsgewijs zal de ontwikkelingshulp voor het democratiseringsproces worden hervat.

Alles over de gebeurtenissen in het Midden-Oosten

Lees meer over:
Tip de redactie