Afscheiding Kosovo was legaal

DEN HAAG - Met de eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring van de Servische provincie Kosovo in 2008 is geen enkele regel van het volkenrecht geschonden. Dit heeft het Internationaal Gerechtshof in Den Haag donderdag verklaard.

Er is geen algemeen verbod op eenzijdige onafhankelijkheidsverklaringen. De bindende VN-resoutie waarin staat dat Kosovo onderdeel van Joegoslavië blijft, is weliswaar nog steeds geldig.

Maar ook daarin konden de hoogste VN-rechters geen expliciet verbod op een eenzjdige onafhankelijkheidsverklaring vinden.

Ook wijzen de ICJ-rechters erop dat de bindende VN-resolutie uit 1999 slechts was bedoeld om een tijdelijk, buitengewoon wettelijk kader te scheppen voor het bestuur van Kosovo, nadat de Joegoslavische president Slobodan Milosevic zijn troepen had teruggetrokken uit de provincie.

Definitieve status

De rechters wijzen erop dat in de resolutie niet staat hoe een oplossing moet worden gevonden voor de definitieve status van Kosovo. Ook staat er niet dat er voorwaarden zijn voor de totstandkoming van zo'n definitieve status.

Als de Veiligheidsraad wilde dat er beperkingen zijn voor zo'n oplossing, had de raad die eerder in vergelijkbare gevallen wel genoemd, aldus de ICJ-rechters, die dus geen reden konden vinden waarom de onafhankelijkheidsverklaring illegaal zou zijn.

De rechters stellen vast dat zij zich niet hebben uitgesproken over de vraag of Kosovo nu ook een staat is geworden en de vraag of andere staten Kosovo mogen erkennen. Dat stond volgens hen niet in de adviesaanvraag van de Algemene Vergadering van de VN.

Washington

De Verenigde Staten hebben donderdag het oordeel van het ICJ verwelkomd. Washington zei dat het tijd was om als één Europa naar een gezamenlijke toekomst te kijken.

Hiermee impliceren de VS dat Belgrado er het best aan doet om Kosovo als soevereine staat te erkennen en zich uiteindelijk aan te sluiten bij de Europese Unie.

Tip de redactie