Cottonwood - Scott Phillips

Auteur Scott Phillips is geboren in Wichita, en heeft een bepaalde cultstatus opgebouwd met zijn boeken die zijn gesitueerd in Kansas. Met Cottonwood, zijn derde, voert hij de lezer terug naar het jaar 1872. Saloon-eigenaar Bill Ogden is de belezen, filosofisch ingestelde antiheld die zijn schouders optrekt als zijn vrouw het met de knecht doet.

Ogden maakt zich sowieso niet zo snel druk. Niemand in Cottonwood, op sporadische geweldsuitbarstingen na die de lucht tijdelijk klaren. Want er is weinig werk, weinig fatsoen, veel verveling, en de gewillige meiden kunnen de ronkende mannen slechts tijdelijke verlichting bieden. De komst van Marc Leval en zijn mooie vrouw Maggie brengt het gemeenschapje in rep en roer.

Volgens Leval zal Cottonwood rap uitgroeien tot een stad, omdat er een treinspoor wordt aangelegd dat hun kant opkomt. Dat vooruitzicht wekt meer beroering dan de ontdekking van de duivelse praktijken van een familie, bij wie mensen op doorreis én uit Cottonwood zelf een gruwelijke eindbestemming lijken te vinden.

Phillips overtreft met deze literaire detective zijn vorige boek The Walkaway, en evenaart zijn glorieuze debuut The Ice Harvest. Hij schetst een treffend beeld van het wilde Westen anno eind 19de eeuw, dat door Hollywood wat besmeurd werd met John Waynes en shoot-outs in de O.K. Corral.

De filmwestern werd bevolkt door personages die bijna karikaturaal het goede en kwade vertegenwoordigen, maar de ongewassen cowboys uit Cottonwood, met hun ruwe manieren, komen een stuk realistischer over. Ze handelen eerder instinctief – wat logisch is, als je bedenkt dat het schrale leven niet meer behelst dan een baantje, een shotje whisky in de saloon en een paar koeien. En ja, af en toe worden de pistolen getrokken, want de rechtsgang stelde nog weinig voor.

De sfeer lijkt nog het meest op die uit Once Upon a Time in the West van Sergio Leone, waar eveneens een sukkelig stofdorp een grootse toekomst wacht vanwege een spoorlijn. Maar de revolverhelden die in de klassieke westerns voor heroïek zorgen door dik opgelegde morals & values, ontbreken in dit boek totaal.

Bill Ogden is intrigerend en charismatisch, maar eerder om wat hij laat dan wat hij doet. Hij denkt vooral, en zijn observaties zijn scherp en humoristisch. Geen Jesse James of Billy the Kid, maar een flegmatieke vent die tegen wil en dank een sleutelrol vervult in het verloop van Cottonwood’s geschiedenis en zijn inwoners.

Tip de redactie