Annabel Lyon - De gulden middenweg
De Canadese schrijfster Annabel Lyon (1971) publiceerde sinds 2000 vier bundels met verhalen en novelles. De gulden middenweg is haar debuutroman.
Het is circa 342 voor christus. De sappige verteller in de roman, de systeemfilosoof Aristoteles, is door koning Philippus van Macedonië aangetrokken om kroonprins Alexander voor het koningsschap klaar te stomen.
De dertienjarige jongen heeft dankzij vakkundig drilwerk al de fysiek van een soldaat. Maar onder die krachtige buitenkant ontwaart Aristoteles een warboel. Eigenlijk is de jongen kwetsbaar en eenzaam.
Aristoteles, een homo universalis, probeert zijn kennis van de dan bekende wetenschappen over te brengen. Hij onderricht Alexander en zijn vriendenschare in filosofie, psychologie, wiskunde, natuurwetenschappen, politiek, theater en taal- en letterkunde.
Omdat Alexander voor de buitenwereld bekend staat als hyperintelligent en hij dus moet voorwenden alles direct te begrijpen, krijgt hij in het grootste geheim in de avond nog privé-lessen. Daar kan hij zijn vragen kwijt.
Evenwicht
In die gesprekken worden de twee hoofdpersonages van de roman waarachtig neergezet, als mensen van vlees en bloed met al hun deugden en tekortkomingen. Langzaam zie je de filosofie van Aristoteles vorm krijgen, de gulden middenweg tussen verstand en gevoel. Het moeizame evenwicht tussen uitersten.
Leerling en meester zijn beiden dan weer somber en lui, dan weer briljant en onverzadigbaar. In kennis zowel als in het dagelijkse leven. Er wordt heel wat geneukt en wijn gedronken en de intriges zijn niet van de lucht.
Lyon voert een veertigtal personages op, maar geen enkele keer heb je de voorin opgenomen lijst van opgevoerde personages nodig omdat in De gulden middenweg de chaos geen hoofdrolspeler is. Het is geen klassiek Grieks drama. Lyon neemt juist de maskers af van de ‘acteurs’.
Dagelijks leven
Het dagelijkse leven in de oudheid komt door haar onverbloemde vertelkunst heel dichtbij. En passant, haast op speelse wijze, leren we over de ontwikkeling van de geneeskunst, de literatuur, de politiek, de natuurwetenschap en de filosofie.
De kracht van deze roman schuilt ook in het feit dat Lyon nergens wijsgerige kennis etaleert. De filosofie zit als het ware verborgen in de onderlaag, zoals het grootste gedeelte van een ijsberg zich onder water bevindt. Een knap staaltje voor iemand die wijsbegeerte heeft gestudeerd.
Echte literatuur
De schrijfster Hilary Mantel zegt op de achterflap dat dit een van de meest overtuigende historische romans is die ze ooit gelezen heeft. De gulden middenweg doet sterk denken aan haar eigen met de Man Booker Prize bekroonde roman Wolfhall. Net als in die epische roman over Oliver Cromwell, gebruikt Lyon het historische personage om over de gesteldheid van mensen te schrijven.
Dat we niet kunnen weten hoe de gemoedstoestand precies was en dat er af en toe fictieve personages opduiken is niet van belang. Dat is wat échte literatuur moet doen.
| Beoordeling: |

Startpagina