Erick Setiawan – Over bijen en mist

Ambivalente roman over een jonge vrouw in een wereld vol paranormale verschijningen belandt tussen jeugdboek en volwassen lectuur.

In Setiawans fantasieroman wandelen karikaturaal onaardige mensen rond. Zij geven het verhaal de beleving van een kindersprookje waarin de contrasten traditiegetrouw dik worden aangezet.

We herkennen personages als de boze petemoei, een scala aan Assepoester-achtige slachtoffers (zowel mannelijke als vrouwelijke), de ijskoningin, de meedogenloze landheer.

Toch is dit een boek voor volwassen want de geestverschijningen en rollende ogen in spiegels zijn te huiveringwekkend en te macaber voor kinderen. En de hartstochtelijke scènes zijn ook niet van het slag waaraan je je jonkies snel overgeeft.

Geen Zuid-Amerikaanse warmte

Het is derhalve lastig om je aan de fantasierijke roman van Setiawan te warmen. Het is duidelijk dat de auteur mikt op het magisch realisme van Isabel Allende of Gabriel Garcia Marquez.

Hij gaat echter te cru te werk en zijn personages zijn te uitzinnig voor een passende vergelijking met deze Zuid-Amerikaanse maestro’s, die binnen hun magie de lezer altijd wisten te overtuigen van het realisme van het magisch realisme.

Centraal in ‘Over bijen en mist’ staat Meridia, dochter van een welgesteld koppel dat net zo goed op de twee tegenovergestelde polen had kunnen leven.

Meridia groeit op in dit huis als een ijskast (zowel letterlijk als figuurlijk) waar veelkleurige mistsluiers – een lomp uitgewerkte metafoor voor geheimen – permanent de uitgangen bewaken.

Van de regen in de drup

Na een eenzame kille jeugd waarvan zelfs het meest standvastige meisje nog zou doorslaan, belandt ze via haar huwelijk met Daniel in een Assepoester-woning met een schoonma als een cactus.

En daar zoemen de bijen rondom het verborgen leed uit het verleden, overwoekeren goudsbloemen de rozenstruiken en belandt de geteisterde Meridia van de regen in de drup omdat haar nog veel meer ontberingen wachten.

Verteller in de verte

Dit is een roman waarin de ene fantasie over de ander heen buitelt zonder de bindende kracht van middenmoot en de tot sympathie neigende personages door dominante karikaturen naar de coulissen zijn verbannen.

De ambivalentie van kinder- versus volwassensprookje wreekt zich vooral doordat Setiawan geen prozaïsche diepte weet te bereiken.

Fantasie heeft hij te over en in de verte gloort een verteller, dus daarvoor dan wel die drie sterren (maar nipt, het zijn er eigenlijk 2,5). Hopelijk bepaalt hij de volgende keer wat duidelijker zijn genre om tot een evenwichtiger roman te komen.

Tip de redactie