Miljoenenfraude Rotterdams poppodium mogelijk door onordelijke controle

De miljoenenfraude bij het Rotterdamse poppodium Waterfront kon plaatsvinden doordat het vastgoedbeheer van de gemeente ''nooit op orde is geweest''.

Dat constateert de enquêtecommissie maandag die namens de gemeenteraad onderzoek deed naar de fraude en wanbetaling van meer dan acht miljoen euro. De commissie constateert dat de gemeenteraad in 2014 onjuist is geïnformeerd over het feit dat de vastgoedorganisatie wel op orde zou zijn.

De hoofdoorzaak van de fraude bij het poppodium aan de Boompjeskade (aan de voet van de Willemsbrug) ligt echter bij degenen die met kwade opzet hebben gehandeld, aldus de commissie.

De conclusie van de gemeentelijke afdeling Concern Auditing dat er geen indicaties waren die duiden op niet-integer handelen van betrokken ambtenaren, was ongegrond. Die conclusie had op dat moment niet getrokken mogen worden, aldus de enquêtecommissie. Naar de fraude wordt nog strafrechtelijk onderzoek gedaan.

Verantwoordelijkheid

Huur werd jarenlang niet betaald en valse rekeningen voor verbouwingen werden zonder de vereiste goedkeuring door de gemeente voldaan. De verantwoordelijk wethouder voor de portefeuille vastgoed, Ronald Schneider (Leefbaar), ''had geen specifiek inzicht in de bedrijfsvoering van de vastgoedorganisatie'', aldus het eindrapport.

Daarin wordt gesteld dat de directie en afdeling vastgoed in de gehele onderzoeksperiode ''niet (geheel) voldeed aan de normen die gelden voor een professionele vastgoedorganisatie''.

Over politieke consequenties wilde commissievoorzitter Bart-Joost van Rij (Leefbaar) geen uitspraken doen. ''Die conclusie laten we over aan de gemeenteraad'', zei hij. Ook burgemeester Ahmed Aboutaleb, die het onderzoeksrapport in ontvangst nam, liet zich in die bewoordingen uit.

Voorkomen

Voor niet-integer handelen van betrokken ambtenaren is geen aanwijzing gevonden. Wanneer de werkafspraken waren gevolgd, dan was de fraude bij Waterfront ''waarschijnlijk voorkomen en zeker eerder geconstateerd''.

De fraude was ook te voorkomen geweest als een advies uit 2010 om niet met de betrokken huurder in zee te gaan, was opgevolgd. Verder maakte de afdaling vastgoed een potje van uitbetalingen. Wie gerechtigd was om facturen goed te keuren, was onduidelijk.

Opvallend in de reeks van negen aanbevelingen is de suggestie om een fraudeofficier aan te stellen in de gemeentelijke organisatie. Die zou vermoedens van fraude eerder moeten oppikken en opsporen.

Lees meer over:

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie