'Merendeel agenten Oost-Brabant doet aan etnisch profileren'

De meerderheid van de agenten van de eenheid Oost-Brabant doet aan etnisch profileren. Dat blijkt uit een intern politierapport dat Brandpunt heeft ingezien.

Het programma, dat dinsdagavond een uitzending aan het onderwerp wijdt, heeft het rapport in handen gekregen via een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur.

Een op de vijf agenten erkent "met regelmaat, vaak of altijd" mensen staande te houden omdat zij deel uitmaken van een bepaalde etnische groep. Van de ondervraagde agenten geeft 41 procent toe af en toe etnisch te profileren. Een kleine minderheid van 14 procent zegt nooit op basis van etniciteit mensen te controleren.

Twee op de drie agenten van de eenheid Oost-Brabant vindt dat etniciteit een rol mag spelen bij het aanhouden van mensen op straat. Het  onderzoek is gehouden door de eenheid onder ruim vijfhonderd politieagenten.

Politie Academie

Brandpunt vroeg bij meerdere politie-eenheden rapporten op over etnisch profileren. Alleen de eenheid Oost-Brabant beschikt over concrete cijfers over dit dossier. De Nationale Politie zegt niet over cijfers te beschikken die aantonen hoe vaak etnisch profileren landelijk voorkomt.

Ook de eenheid Zeeland West-Brabant heeft een verkennend rapport over etnisch profileren opgesteld, maar hier staan geen cijfers in. Verder heeft de Politie Academie een onderzoek gedaan naar etnisch profileren onder politiestudenten.

Vertrouwen ondermijnen

Plaatsvervangend korpschef Ruud Bik erkent in Brandpunt dat etnisch profileren "vaak voorkomt", maar hij wil niet van een structureel probleem spreken. Hij stelt dat de korpsleiding "fors inzet" op veranderingen op dit gebied de komende jaren. "Etnisch profileren deugt niet, het is niet professioneel, het werkt niet en het ondermijnt het vertrouwen van burgers in de politie."

Woordvoerder Gerrit van de Kamp van politiebond ACP erkent dat de cijfers van de eenheid Oost-Brabant aantonen dat etnisch profileren vaker voor lijkt te komen dan de nationale korpsleiding erkent. "Profileren is vijftien jaar geleden in het leven geroepen om veelplegers aan te kunnen pakken", legt hij uit.

"Maar onderweg lijken alle andere criteria die deel uitmaken van dat profileren, zoals bijvoorbeeld het feit dat iemand een bekende van de politie is of het feit dat iemand kleding draagt die in een opsporingsbericht staat, weggevallen."

Geaccepteerde methode

Profileren op zich is volgens de ACP een geaccepteerde methode om misdrijven te voorkomen of mogelijke criminelen aan te houden. "Maar de werkwijze van de politie moet uiteraard binnen de grenzen van de wet vallen én maatschappelijk geaccepteerd worden", aldus Van de Kamp.

"Het gaat veel te ver om, zoals nu in de media vaak gebeurt, etnisch profileren op één lijn te zetten met discriminatie. Discriminatie binnen de politie zou volstrekt onaanvaardbaar zijn."

Van de Kamp pleit ervoor de term 'etnisch profileren' om te buigen naar 'vakkundig profileren’. Hierin zou de nationale korpsleiding de leiding moeten nemen.

Belangengroepen

"Er wordt al jaren gezegd dat er iets moet veranderen, maar dan moet de korpsleiding ook zeggen hoe we dat moeten doen", stelt hij. "Niet alleen de politie zelf moet bij dat proces worden betrokken, maar ook externe partijen, zoals media of belangengroepen."

De discussie over etnisch profileren laaide deze zomer op nadat de donkere rapper Typhoon staande werd gehouden omdat hij in een dure auto reed.

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie