Vordering tegen zakenman Van den Nieuwenhuyzen te laat ingediend

In de zaak tegen zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen is het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard door de rechtbank van Rotterdam.

Het OM wilde dat 'bedrijvendokter' Van den Nieuwenhuyzen, die onder meer wordt verdacht van corruptie en faillissementsfraude, 111 miljoen euro terugbetaalt. Het is het hoogste bedrag dat ooit in een ontnemingszaak is geëist.

Justitie eiste eerder van de zakenman een bedrag van 42 miljoen euro voor "wederrechtelijk verkregen voordeel uit faillissementsfraude". Daarvan werd Van den Nieuwenhuyzen vorig jaar vrijgesproken.

In de nieuwe eis, die bijna zeventig miljoen euro hoger uitviel, baseerde het OM zich op "wederrechtelijk verkregen voordeel uit corruptie".  

De rechtbank oordeelt nu dat die vordering niet binnen de termijn van het onderzoek is opgehoogd. Bovendien is het een nieuwe vordering, waardoor het verzoek niet-ontvankelijk werd verklaard.

Bedrijven opkopen

Van den Nieuwenhuyzen verwierf in de jaren tachtig bekendheid doordat hij slechtlopende bedrijven opkocht en weer winstgevend maakte. Hij kreeg als eigenaar van het Rotterdamse RDM-concern voor meer dan 180 miljoen euro aan leningen bij banken. 

Het Havenbedrijf Rotterdam stond garant voor die leningen, maar dat gebeurde op illegale wijze. Aan het begin van de eeuw kreeg hij als eigenaar van het Rotterdamse RDM-concern voor meer dan 180 miljoen euro aan leningen bij banken.

Veroordeeld

In juni 2015 werd Van den Nieuwenhuyzen met Willem Scholten, oud-directeur van de Rotterdamse haven, door het Haagse Gerechtshof veroordeeld wegens ambtelijke omkoping en valsheid in geschrifte.

Van den Nieuwenhuyzen werd veroordeeld tot één jaar gevangenisstraf, waarvan 285 dagen voorwaardelijk, en een boete van 150.000 euro.

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 06.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie