Vliegmaatschappijen willen verbetering beleid vliegroutes

Meerdere luchtvaartmaatschappijen vinden dat de manier waarop de veiligheid van vliegroutes wordt bepaald, verbeterd moet worden.

Sinds de ramp met de MH17 zijn er veel toekomstvragen ontstaan over het vliegen over conflictgebieden in de wereld. Ook luchtvaartmaatschappijen kregen hier veel vragen over, zowel van reizigers als van cabinepersoneel.

Dat zeggen woordvoerders van zowel de KLM als Arkefly tegenover NU.nl.

Luchtvaartmaatschappijen krijgen onder andere informatie van het ministerie van Buitenlandse Zaken over conflictgebieden in de wereld.

Arkefly

Directeur van Arkefly Hans van de Velde vindt dat de Nederlandse overheid een grotere rol hierin zou moeten spelen. Hoe precies, dat wil hij nu nog niet zeggen.

Ook vindt hij dat overheden onderling, bijvoorbeeld met de Belgische overheid, tot een betere overeenstemming moeten komen, omdat zich op een vlucht meerdere nationaliteiten bevinden. Dat laat de directeur via een woordvoerster van Arkefly weten.

Van de Velde sluit zich hiermee aan bij de uitspraak van de voorzitter van de Vereniging Nederlandse Verkeersvliegers Steven Verhagen.

Vorige week zei Verhagen tegen Radio 1 dat hij de rol van de overheid nu te klein vindt in het beoordelen van de veiligheid van vliegroutes. Volgens hem komt er zo te veel verantwoordelijkheid te liggen bij de luchtvaartmaatschappijen.

MH17

De KLM laat zich door "meerdere bronnen" constant informeren over conflictgebieden in de wereld, geeft een woordvoerder van de maatschappij aan.

KLM volgt hier net als andere luchtvaartmaatschappijen het veiligheidsbeleid van internationale veiligheidsinstanties, nationale overheden, luchtverkeersleidingen en de luchtvaartbrancheorganisaties IATA en ICAO.

De KLM-woordvoerder geeft aan dat dit systeem altijd goed heeft gewerkt, maar dat het systeem toch aan verbetering toe blijkt te zijn, omdat de ramp met MH17 heeft aangetoond dat het mogelijk is dat het mis kan gaan.

Het is volgens de KLM "van groot belang dat de wereldluchtvaart gezamenlijk toegang heeft tot goede, accurate en relevante informatie om zo de veiligheid te blijven garanderen."

"Zoals er na 11 september besloten werd om de deur van de cockpit voortaan niet meer open te laten, zal er nu weer iets kunnen veranderen in het belang van de veiligheid", zegt de KLM-woordvoerder.

Taskforce

Volgens de woordvoerster van Arkefly controleren zij er altijd heel streng op of vliegroutes veilig zijn, maar dat beleid is sinds de ramp met MH17 niet strenger geworden.

"Vorig jaar was het bijvoorbeeld erg onrustig in Sinaï in Egypte en toen besloten wij in een vroeg stadium al om daar niet overheen te vliegen. We waren er dus altijd al mee bezig", aldus de woordvoerster.

KLM en Arkefly nemen op dit moment deel aan de ICAO-taskforce, waar onder andere de luchtvaartsector en het ministerie van Infrastructuur en Milieu bij aangesloten zijn. Hierin wordt besproken om de manier waarop de veiligheid van vliegroutes bepaald wordt in de toekomst te verbeteren.

Beide luchtvaartmaatschappijen zeggen zich aan de uitkomst van deze conferentie te conformeren.

Transavia

Ook is de Nederlandse Onderzoeksraad voor Veiligheid momenteel bezig met onderzoek naar de keuzes van veilige vliegroutes, passagierslijsten en de toedracht van de ramp met MH17.

Transavia vindt het niet de taak van de luchtvaartmaatschappij om uitspraken te doen over de veiligheidsbeoordeling van vliegroutes. Dat laat een woordvoerster van het bedrijf weten. Zij geeft aan dat de verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de brancheorganisaties

Dossier vliegramp | Dit weten we over de vliegramp | Chronologie vliegramp

Tip de redactie