'Maandelijks nog honderd vragen over vermisten WO II'

Maandelijks vragen nog altijd zo’n honderd mensen informatie op over dierbaren die vermist zijn sinds de Tweede Wereldoorlog. Het Rode Kruis behandelt de informatieverzoeken.

In 2013 kwamen er in totaal 1.140 vragen binnen bij het Nederlandse Rode Kruis. Dat heeft een oorlogsarchief met gegevens over Nederlanders tijdens de Tweede Wereldoorlog en tijdens de strijd in Nederlands Indië.

''Er zijn nog steeds nabestaanden die niet weten wat er nu werkelijk met familieleden is gebeurd'', vertelt een Rode Kruiswoordvoerster.

''Over het algemeen kunnen we mensen wel verder helpen met informatie over hun dierbaren, of we vinden aanknopingspunten in ons archief waarmee we hen kunnen doorverwijzen naar andere instanties zoals het NIOD of de ITS (International Tracing Service) in Duitsland'', zegt de woordvoerster.

SS'ers

Dat Duitse archief is ''het grootste archief voor onderzoek naar personen in de Tweede Wereldoorlog''. Het is zo’n tien keer groter dan het Nederlandse archief. Toch beslaat ook dat zo’n 1.100 strekkende meter met daarin gegevens over slachtoffers en overlevenden en gegevens over Nederlandse SS’ers, Duitse militairen en NSB’ers. Het bevat kamp- en gevangenisadministraties en getuigenverklaringen. Vaak zijn de dossiers ''het meest tastbare wat er van een vermiste over is'', aldus het Rode Kruis.

Een deel van het archief wordt gedigitaliseerd, maar dat betekent niet dat het vrij toegankelijk wordt voor iedereen. ''Vooralsnog kan het publiek alleen toegang krijgen tot de informatie uit het archief via een van de medewerkers'', legt de woordvoerster uit. Door de digitalisering kan de medewerker wel sneller zoeken en blijft het originele materiaal in betere staat.

Tip de redactie