Deel zaak Hofstadgroep moet opnieuw
DEN HAAG - De zaak tegen twee vermeende leden van de Hofstadgroep moet opnieuw.
Foto: ANP
De Hoge Raad vindt dat het bewijs voor Mohamed F.B. en Yousef E. voor deelname aan een terroristische organisatie onvoldoende is onderbouwd.
De veroordelingen van Jason W., Ismail A., Mohamed el M. en Nouriddin el F. blijven wel in stand. Dat heeft de Hoge Raad dinsdag geoordeeld.
Geweld
Leden van de Hofstadgroep troffen elkaar in 2003 en 2004 in de Haagse woning van Mohammed B., de latere moordenaar van Theo van Gogh. Zij bespraken de gewelddadige jihad en wisselden daarover gegevens uit.
Het gerechtshof stelde vast dat Yousef E. en Mohamed F.B. die bijeenkomsten ook bijwoonden. E. had mailcontact over de jihad en verzamelde hierover informatie op internet. F.B. probeerde tijdens de samenkomsten zijn gedachtegoed over te brengen.
''Dit alles wil niet zonder meer zeggen dat deze verdachten zelf daadwerkelijk een aandeel hebben gehad in het realiseren van terroristische doelen van de Hofstadgroep'', aldus de Hoge Raad.
Oogmerk
De Hofstadgroep was een organisatie die het plegen van terroristische misdrijven tot oogmerk heeft gehad, aldus het gerechtshof in Amsterdam eind 2010. Dat was een ander oordeel dan dat van het hof in Den Haag, dat de zeven verdachten juist vrijsprak van deelname aan een terroristische organisatie. Het Amsterdamse hof legde straffen op die varieerden van 15 maanden tot 13 jaar cel.
De hoogste straf was voor Jason W. Hij gooide op 10 november 2004 in De Haag een handgranaat naar leden van een arrestatieteam. De Hoge Raad heeft nu de straf van W. verlaagd tot 12 jaar en 9 maanden cel, omdat de procedures te lang hebben geduurd.
Het gerechtshof in Den Bosch moet van de Hoge Raad nu de zaken van Mohamed F.B. en Yousef E. opnieuw bekijken.
Door: ANP

Startpagina