Gevaarlijke combinatie: dienstwapens en politieaspiranten

AMSTERDAM - Drie ernstige incidenten rond aankomende agenten en hun dienstwapen in amper een maand tijd hebben de Nederlandse Politie Academie kopschuw gemaakt.

Het opleidingsinstituut voor circa 7000 aspirant-agenten wil 'even' helemaal niets zeggen over de wijze waarop de dienders in de dop hun dienstpistool krijgen uitgereikt. ‘Geen commentaar’ is de officiële woordvoeringslijn van de politieacademie. Het betreft namelijk drie van haar leerlingen.

De reden voor de mediastilte: Er lopen enkele onderzoeken naar twee recente incidenten in Almelo (moord op een caissière en zelfmoord) en Haarlemmerliede (zelfdoding). En thans is er in het noorden van het land wéér een dreigend probleem met een leerling. De 30-jarige Friso Wouda wordt samen met zijn dienstwapen vermist, een verontrustende combinatie volgens de politie in Groningen. Het ergste wordt gevreesd.

Zoekacties in de provincie Groningen nabij het Schildmeer hebben niets opgeleverd. Nu wordt het vizier gericht op de omgeving van Beetsterzwaag, waar Wouda veel wandelt.

Onderzoek

De kwestie wordt nauwlettend gevolgd door het ministerie van Veiligheid en Justitie. Minister Ivo Opstelten heeft naar aanleiding van de zaak in Almelo een onderzoek gelast naar de wijze waarop de politie omgaat met dienstwapens, óók die van aspiranten.

Dat gebeurt mede met het oog op de vorming van de Nationale Politie, zegt een woordvoerder van Opstelten. Thans voeren de korpsen nog een 'autonoom wapenbeleid', maar straks gelden landelijk uniforme criteria.

Caissière

In de drie recente gevallen betreft het louter aspiranten van de Nederlandse Politie Academie. Vooral de moord op de caissière in Almelo trok kort voor Kerstmis de aandacht. Zes weken terug schoot een 25-jarige aspirant van de politie Amsterdam-Amstelland zijn 18-jarige vriendin dood in de plaatselijke C1000. Met hetzelfde dienstwapen beroofde hij daarna zichzelf thuis van het leven.

Vorige week maakte een 20-jarige politieaspirant uit IJmuiden er met zijn dienstwapen een einde aan. Dat gebeurde in zijn appartementje in Haarlemmerliede. De man werkte ook al bij het korps Amsterdam-Amstelland. Dat korps doet er eveneens het zwijgen toe.

''Gedoe als in Haarlemmerliede willen we liever niet hebben", zegt Pieter Boomsma van de politie in Groningen in een reactie op de vermissing van Wouda. ''Daar zijn we ons zeer van bewust."

Levenstekenen

De verdwijning van de politieman in spe, werkzaam in Delfzijl, is volgens Boomsma een mysterie. Zijn uniform hangt nog thuis in de kast. Zijn dienstwapen heeft Wouda maandagavond uit de kluis gehaald van de politie in Groningen, voorafgaande aan zijn nachtdienst in Delfzijl. Daar kwam hij niet opdagen.

Vervolgens heeft hij dinsdag een normaal bedrag aan geld gepind en heeft hij boodschappen gedaan bij Albert Heijn. Bewakingscamera’s tonen dat aan. Het zijn de laatste levenstekenen.

Bezorgdheid

De politie Groningen zet alles op alles om Wouda te traceren. Politiemensen van de geüniformeerde dienst behoren niet zonder uniform met hun wapen de straat op te gaan – en zéker geen aspiranten. ''Dat is een heel harde afspraak", aldus Boomsma van de politie Groningen. ''Vandaar ook onze bezorgdheid over de vraag wat er met Friso is gebeurd. Want volgens ons had hij geen problemen."

De telefoon van de vermiste staat uit, zo is gebleken. Een auto had Wouda niet. Daarom worden nu de taxichauffeurs benaderd met de vraag of zij Wouda misschien hebben gezien of ergens afgezet. Vijanden had Woud niet, stelt de politie Groningen. ''Gewoon een aardige, behulpzame vent."

Boomlang

De relatie met zijn ouders en vriendin is goed. Al houdt Boomsma zekerheidshalve een slag om de arm, omdat je het nu eenmaal nooit zeker weet. De boomlange politieman (lengte 2,07 meter) valt evenmin over het hoofd te zien.

''Je hoopt dat het allemaal op zijn pootjes terecht komt’’, verzucht Boomsma. ''Maar naarmate de tijd verstrijkt, neemt de vrees alleen maar toe."

Tip de redactie