Woninginbraak vaak werk gelegenheidsinbreker

UTRECHT - Woninginbraken zijn voornamelijk het werk van gelegenheidsinbrekers. In 80 procent van de gevallen gaat het om dit soort criminelen. Ze zijn uit op snel succes en gemak en breken daarom in in een bekende omgeving.

Lukt het niet om binnen enkele minuten hun doel te bereiken, dan geven ze het op.

Dat blijkt uit een rapport van onderzoeksbureau DSP naar de werkwijze van inbrekers in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Een soortgelijk onderzoek werd twintig jaar geleden ook uitgevoerd door hetzelfde bureau.

Hoekwoning

Destijds hadden inbrekers het vooral gemunt op de duurdere wijken en dan bij voorkeur op een hoekwoning of vrijstaande woning. Tegenwoordig kiest de gelegenheidsinbreker voor zijn eigen woonomgeving, vaak buurten met weinig sociale samenhang.

Het soort woning maakt hen niet uit. De keuze van het doelwit is afhankelijk van de zichtbaarheid van de buit. Niet alles is veranderd in twintig jaar tijd.

Schroevendraaier

Zo gebruikt de inbreker net als in 1989 nog steeds de schroevendraaier om deuren of ramen te openen. Ook het criterium of een woning makkelijk is binnen te dringen, is het hetzelfde als in de vorige eeuw.

Het onderzoek van DSP is onder meer gebaseerd op interviews met zestien gedetineerde inbrekers. Zij en de politie gaven aan dat veel bewoners ramen laten openstaan, alleen de voorkant van de woning goed beveiligen en kostbare spullen gewoon in het zicht laten liggen.

Slot

Het rapport adviseert om vooral in oudere wijken het hang- en sluitwerk te verbeteren. Veiligheidsmaatregelen moeten echter niet op zich zelf staan. Een goed slot in een slechte deur heeft weinig zin, evenals verlichting op een plek waar niemand zicht op heeft.

Dagelijkse nieuwsbrief

Dagelijkse nieuwsbrief
Elke ochtend rond 6.00 uur weten wat het nieuws wordt?
Tip de redactie