Wall Street met verlies Paasweekeinde in

De aandelenbeurzen in New York zijn donderdag met verliezen gesloten in aanloop naar het lange paasweekeinde. Beleggers verwerkten kwartaalcijfers van drie grote Amerikaanse banken. De geopolitieke zorgen rond Syrië en Noord-Korea bleven echter boven de markt hangen.

De Dow-Jonesindex noteerde aan het slot 0,7 procent lager op 20.453,25 punten. De breed samengestelde S&P 500 zakte 0,7 procent tot 2328,95 punten en de technologiebeurs Nasdaq verloor 0,5 procent tot 5805,15 punten. Op Goede Vrijdag zijn de beurzen in New York gesloten. Maandag wordt de handel op Wall Street hervat.

JPMorgan Chase en Citigroup kwamen met onverwacht sterke resultaten over het eerste kwartaal. Beide banken profiteerden van sterke prestaties van hun zakelijke tak, die goed draaide door de opperbeste stemming op de aandelenmarkten sinds de verkiezing van president Trump. JPMorgan en Citigroup daalden echter 1,2 en 0,8 procent.

Concurrent Wells Fargo daarentegen stelde teleur met zijn winstcijfers. De grootste hypotheekverstrekker van de VS had onder meer last van de stijgende rente, die de belangstelling voor nieuwe woningkredieten drukte. Verder kampt de bank nog met de naweeën van een schandaal rond dubieuze verkooppraktijken van sommige medewerkers. Het aandeel Wells Fargo ging 3,3 procent omlaag.

De maker van glasvezelnetwerken Applied Optoelectronics was een positieve uitschieter op Wall Street met een koerswinst van 11 procent. Het bedrijf gaf aan dat de resultaten in het eerste kwartaal beter zullen uitvallen dan gedacht. Tesla won 2,4 procent. Topman Elon Musk liet op Twitter onder meer weten dat in september een elektrische vrachtwagen zal worden gepresenteerd.

Ook kauwden beleggers na op uitspraken van Trump over de kracht van de dollar. Trump zei tegen The Wall Street Journal dat de waarde van de dollar in zijn ogen te sterk is opgelopen. Verder vindt hij dat de rente heel laag mag blijven.

Verder waren er nog wat macrocijfers. Zo bleek dat de uitkeringsaanvragen in de VS vorige week vrijwel stabiel zijn gebleven op 234.000. De Universiteit van Michigan meldde op basis een voorlopige schatting dat het consumentenvertrouwen deze maand is gestegen. De producentenprijzen in de VS gingen vorige maand licht omlaag.

De euro was 1,0616 dollar waard, tegen 1,0633 dollar bij het slot van de Europese beurzen eerder op de dag. De prijs van een vat Amerikaanse olie zakte 0,2 procent tot 53,02 dollar. Brent daalde 0,2 procent op 55,74 dollar per vat.

Lees meer over:
Tip de redactie