Kleine uitslagen op Wall Street

De beursgraadmeters in New York zijn woensdag een fractie boven de slotkoersen van dinsdag gesloten. 

De publicatie van de notulen van de meest recente beleidsvergadering van de Federal Reserve zorgde nauwelijks voor vuurwerk. Qua bedrijven wisten onder meer Lowe's, Target en Staples de aandacht op zich gericht nadat ze de boeken openden.

De Dow-Jonesindex sloot uiteindelijk 0,1 procent in de plus op 18.573,94 punten. De S&P 500 steeg 0,2 procent naar 2182,22 punten. Technologiegraadmeter Nasdaq sloot nagenoeg vlak op 5228,66 punten.

Uit de notulen van de Fed bleek dat bestuurders vorige maand verdeeld waren over het al dan niet snel verhogen van de rente.

Lage rentestand

Verschillende beleidsmakers spraken hun bezorgdheid uit over de huidige lage rentestand die niet goed zou zijn voor de financiële stabiliteit. Wel waren de bestuurders het met elkaar eens dat er meer data nodig zijn over de arbeidsmarkt en de economische activiteit alvorens een beslissing te nemen over een volgende rentestap.

Winkelconcern Target leverde 6,4 procent in, nadat het zijn winstverwachting voor het hele jaar had verlaagd, onder meer vanwege afzwakkende verkopen in het afgelopen kwartaal. Doe-het-zelfketen Lowe's kwam ook met teleurstellende kwartaalresultaten naar buiten en verloor 5,7 procent.

Kantoorartikelen

Ook Staples (min 7,1 procent) deed een stevige stap terug. De leverancier van kantoorartikelen leed in het tweede kwartaal verlies door afschrijvingen en kosten voor de mislukte fusie met branchegenoot Office Depot.

Kledingketen Urban Outfitters wist juist wel goede kwartaalcijfers te presenteren. Het werd daarvoor door beleggers beloond met een winst van ruim 15 procent voor het aandeel.

Netwerkapparatuur

Producent van netwerkapparatuur Cisco Systems verloor 1,3 procent aan beurswaarde. Naar verluidt is het bedrijf van plan 14.000 banen te gaan schrappen, ofwel 20 procent van het wereldwijde personeelsbestand. Cisco komt na de slotbel op Wall Street met zijn kwartaalresultaten naar buiten.

De prijs van een vat Amerikaanse olie steeg 0,6 procent naar 46,88 dollar. Brent werd 1,3 procent duurder bij 49,85 dollar per vat. De euro werd bij de slotbel voor 1,1283 dollar verhandeld, tegen 1,1269 dollar bij het slot van de Europese beurzen.

Lees meer over:
Tip de redactie