Luchtvaartgroep IAG heeft last van Brexit

Luchtvaartgroep IAG, het moederbedrijf van British Airways, Iberia, Aer Lingus en Vueling, voelt nu al de gevolgen van het Brexit-referendum van eind juni

De waardedaling van het Britse pond heeft het bedrijf afgelopen kwartaal 148 miljoen euro gekost, blijkt uit de vrijdag gepubliceerde halfjaarcijfers.

British Airways is de grootste luchtvaartmaatschappij binnen de groep. Daardoor wordt een relatief groot deel van de tickets van IAG in ponden verkocht. Dat die munt onder druk staat, is een domper voor het bedrijf. Het gebeurt net in de periode waarin het bedrijf doorgaans het grootste deel van de jaarwinst binnenhaalt.

De onzekerheid na het besluit van de Britten om de Europese Unie te verlaten, werkt bovendien verlammend voor de luchtvaart. Dat geldt nog meer voor de golf aan terroristische aanslagen in Europa van de laatste tijd. Iberia lijdt daarnaast onder de onzekere politieke situatie in Spanje en de economische crisis in Zuid-Amerika.

Tegenwind

Ondanks al die tegenwind wist IAG de omzet in de eerste jaarhelft met ruim 4 procent op te voeren tot 10,8 miljard euro. Het operationeel resultaat, exclusief eenmalige posten, verbeterde met ruim een kwart tot 710 miljoen euro. De nettowinst pakte met 554 miljoen euro twee derde hoger uit dan een jaar eerder.

Kort na het Brexit-referendum stelde IAG zijn winstverwachting voor heel 2016 al naar beneden bij. Ook in de aanloop naar de volksraadpleging had het bedrijf al meer moeite om tickets aan de man te brengen dan verwacht. Het verwacht nog altijd dat de winst dit jaar flink toeneemt, maar mogelijk niet zo sterk als die in 2015.

Lees meer over:
Tip de redactie